zondag, oktober 14, 2012

Learning management systeem (LMS) voor duurzaamheidlessen voor kinderen

http://www.organiq.nl/?page_id=86

zondag, juni 24, 2012

De Wittering voorbeeldschool

Voorbeeldschool in Nederland: de Wittering in Rosmalen

http://www.wittering.nl

elk kind gaat met eigen methode en leermiddelen aan de slag

Doelstellingen en uitgangspunten

Doelstellingen:
Kinderen op Wittering.nl voelen zich veilig, prettig en uitgedaagd. Ze moeten zich optimaal kunnen ontwikkelen op cognitief, motorisch, creatief en sociaal-emotioneel gebied. Ook op school kunnen zij hun eigen interesses optimaal ontplooien.
Door een breder aanbod en een gevarieerde manier van werken, doen kinderen een veel bredere kennis op o.a. op gebied van natuur en techniek.
Kinderen kunnen veel bewegen, ontspannen, relaties aangaan en initiatieven nemen.

Verder is Wittering.nl een school
• waar het plezierig is om te werken, waar werknemers worden ingezet op posities en taken, waar ze goed in zijn en zich thuis voelen, waar ze zich voortdurend kunnen ontwikkelen en daartoe uitgedaagd worden en waar ze kunnen doorgroeien naar andere functies.
• waar ouders en school partners zijn in de opvoeding, die elkaar goed informeren over welzijn en ontwikkeling van hun/het kind thuis en op school, waar goed duidelijk is wat de verantwoordelijkheden van beide partners zijn, waar goed geluisterd wordt naar de opvattingen van de ouders en waar ouders ook een stem hebben, waar duidelijk is welke vormen van wederzijdse betrokkenheid worden nagestreefd en welke (algemene) doelen daarbij worden nagestreefd.

Tenslotte gaat het om een school, die midden in de wijk en in het leven staat:
buitenschools leren en leren binnen de school worden op een natuurlijke manier met elkaar verbonden.
De buitenwereld wordt naar binnen gehaald en kinderen gaan naar buiten om de wereld te bekijken en te ervaren. 

Uitgangspunten:
• Onderwijs op niveau van het kind
• Onderwijs, dat kinderen uitdaagt en motiveert
• Onderwijs met enorm veel variatie. Kinderen leren op vele manieren
• Onderwijs, waarin ook tijd is voor ontspanning:
bewegen, expressie, eten en drinken
• Onderwijs in een doorgaande lijn van 0 tot 12 jaar
• Onderwijs met een duidelijk pedagogisch profiel, wat door alle leerkrachten wordt
gedeeld en eenduidig wordt uitgevoerd en begeleid
• Motiverend ook voor de leerkrachten, omdat het ook voor hen uitdagend, lerend,
ontwikkelend is en waar voor hen perspectief in zit.

Aan Wittering.nl ligt een geheel nieuwe visie op leren ten grondslag. Essentieel zijn de nieuwe wijze waarop het leren wordt georganiseerd, een variëteit aan leerbronnen en een actieve opstelling van de leerling.

Op zoek naar antwoord
Wittering.nl hanteert een andere dan de gebruikelijke benadering van leren en kennis.
In Wittering.nl gaan de leerlingen zelf op zoek naar antwoorden op vragen die zij belangrijk vinden:

Hoe werkt iets? Hoe kan dat nou? Kan ik dat ook? De leerlingen beoordelen de gevonden antwoorden op
basis van de vraag die zij stelden: Weet ik het nu? Is mijn probleem nu opgelost? Zó leren de kinderen.

Leerling centraal
Bij Wittering.nl staat de leerling centraal. Leerlingen ontwikkelen zich vooral als zij zelf bezig zijn
met de vragen en uitdagingen die hen bezighouden. De leerlingen kunnen vaak zelf kiezen wat ze doen,
hoe ze het doen, met wie ze willen leren en hoe lang ze erover doen.

Kernconcepten
Met behulp van computers, excursies, experimenten, demonstraties en contacten met mensen uit allerlei
beroepsgroepen ontwikkelen de leerlingen inzicht in zogenaamde kernconcepten.
Kernconcepten zijn fundamentele begrippen als ‘energie’, ‘macht’ of ‘kringloop’.
Door bezig te zijn met deze begrippen leert de leerling zichzelf en de omgeving te ordenen en te begrijpen.

Communicatie met ouders
Bij Wittering.nl staat contact met de ouders hoog in het vaandel. Ouders en teamleden
informeren elkaar over gebeurtenissen die voor het kind belangrijk zijn, over de leeractiviteiten en de
ontwikkeling van het kind.
Wittering.nl hecht veel waarde aan een ononderbroken pedagogisch en didactische lijn.
Daarom biedt de school uiteindelijk toegang aan kinderen van 0 tot 12 jaar, voor wie in overleg met
de ouders kinderopvang en buitenschoolse opvang wordt georganiseerd

http://www.youtube.com/watch?v=ywviNCjbLcs

http://www.youtube.com/watch?v=TQ-tMrvuaYs

http://www.youtube.com/watch?v=VZ1U4ZkIpQU

Rob Martens over onderwijs

Kernpunten van hoogleraar multimediale educatie Rob Martens over ICT in het onderwijs

-Onderwijs is niet slecht maar sluit niet aan bij ontwikkelingen om ons heen. Leerlingen raken steeds minder gemotiveerd. Leraren moeten meer nieuwe media inzetten in hun lessen.

-Onderwijs is klassikaal en gestandaardiseerd; moet meer instructie op maat zijn.

-Leraren geven op dezelfde wijze les als 30 jaar geleden.

-Niet het kind maar de methode en de leerkracht staan centraal

-Waarom wel Frans op school maar geen Chinees?

-Onderwijs zou moeten helpen jongen mensen hun passie te ontdekken

-Games, films en social media maakt leren veel leuker

-Een mens leert het liefst door te spelen

-Intrinsieke motivatie daar gaat het om

-door de CITO toets is het onderwijs totaal dicht getimmerd

-Je moet leerlingen niet vergelijken met gemiddelden, maar met zichzelf. Dat leidt tot persoonlijke ontwikkeling

Visie
-Onderwijs gaat onderdeel worden van moderne samenleving en zal gaan aansluiten op arbeidsmarkt van nabije toekomst

-Leraren zijn ervan overtuigd dat kwaliteit lessen omhoog gaat met inzet nieuwe media

-Leerlingen vinden lessen met nieuwe media veel leuker. En de prestaties schieten omhoog.


Ton Notten over onderwijs

Het onderwijs kampt met veel meer problemen.

Notten is sceptisch: ‘Het kabinet wil dat Nederland in 2025 tot de top 5 van de wereld behoort wat betreft kenniseconomie.
Dat kan nooit gehaald worden met de huidige onderwijsinspanningen.
Nederland zit onder de OESO-norm voor wat betreft het percentage van het BBP (Bruto Binnenlands Product, red.) dat aan onderwijs wordt uitgegeven. En er komt geen rooie cent bij. Terwijl je juist in crisistijd moet investeren in het onderwijs!’

Verder over onderwijs: ‘Er is de afgelopen 25 jaar ontzettend veel kapot gemaakt. Met name de kinderen van allochtone en lager opgeleide ouders zijn daarvan de dupe.

De onderwijskundigen hebben een trend gezet met doe-het-zelf, het nieuwe leren, klassen afschaffen.

Het is buitengewoon naïef gedacht dat jonge kinderen uit zichzelf zullen doen wat goed voor hen is.
Je moet nu eenmaal ont-zet-tend goed je best doen om hogerop te komen.
Als je hierin niet vanuit thuis wordt begeleid en geprikkeld, en ook niet op school, dan gebeurt het dus niet.

De mens is een gebrekkig wezen en moet overal mee geholpen worden.’

Het Centrum:  Innovatie in onderwijs

http://www.hetcentrum.net/

vrijdag, juni 15, 2012

donderdag, januari 12, 2012

Onderwijshervorming Finland: Teach less, learn more

Onderwijshervormingen in Finland draaien om ‘Teach less, learn more’.  Er is in de jaren ’90 hard gewerkt aan het bouwen van een vertrouwensrelatie tussen het onderwijs en de gemeenschap enerzijds, en het onderwijs en de politiek anderzijds, met als gevolg dat het onderwijs verantwoordelijkheid krijgt en neemt in maatschappelijke ontwikkelingen en dat het beroep van docent in hoog aanzien staat.

De Finse overheid heeft de laatste decennia met een aantal maatregelen de kwaliteit van het onderwijs aanzienlijk verbeterd.  Zo gaat vanaf de jaren ’70 van de vorige eeuw iedere inwoner van Finland naar een ‘Periskoulu’ en volgt daar negen jaar basisonderwijs. Het voortgezet onderwijs is in de jaren ’80 en ’90 hervormd waardoor leerlingen geen keuze meer hoeven te maken tussen een ‘academisch- of beroepsgericht spoor’, maar dat door de samenvoeging er een flexibele omgeving is ontstaan waar maatwerk mogelijk is geworden. De docenten hebben allemaal een universitaire mastergraad, sinds een wet in 1979 dat verplicht stelde.

Pasi Sahlberg - director general of the Center for International Mobility and Cooperation in Finland – noemt een aantal factoren die het succes van de Finse hervormingen verklaren.

1. The Finnish Dream: Good Schools for All
Het is in Finland al een lange traditie om voor iedereen onderwijs te verzorgen. Die traditie werkt door in het ontwikkelen van overheidsbeleid. Onderwijs is verplicht, ongeacht nationaliteit, afkomst of economische status.

2. The Finnish Principle: Less is More
In zijn presentatie laat hij data zien waaruit blijkt dat docenten in Finland in vergelijking met hun Amerikaanse collega’s, de helft minder tijd besteden aan het geven van een les. Waar in Finland een docent gemiddeld 2 a 3 lessen per dag verzorgt, doet een Amerikaanse (of een docent in Nederland) er zes of zeven per dag. Na zoveel uren op een dag ben je daarna tot niets meer in staat, volgens Sahlberg:
Niet alleen de docent geeft minder les, ook de student besteedt minder tijd in een klaslokaal. Sahlberg geeft aan dat leerlingen in Finland wel meer dan twee jaar minder instructietijd in een klaslokaal krijgen aangeboden dan in de VS. Toch wordt er in Finland beter gepresteerd.
If you test less, you will learn more. Tot hun 15e hebben krijgen leerlingen geen externe, gestandaardiseerde toetsen en examens. Er is in Finland veel vertrouwen in de kwaliteiten van een docent, en die moet je de ruimte geven om creatieve lessen te ontwikkelen die inhoudelijk een hoog niveau kennen en goed aansluiten op het leren van de leerlingen. Leerlingen moeten de tijd hebben om te leren en aan hun projecten te werken, zo is de gedachte in Finland.

3. The Finnish Privilege: Teachers
Het beroep van docent kent een hoog aanzien in Finland. De top studenten die naar de universiteit gaan, en met gemak kunnen kiezen voor rechten of medicijnen, kiezen voor het beroep als docent. Ieder jaar ongeveer 6000 aanmeldingen, en een toelatingspercentage van 12%. The best of the best worden leraar.

4. The Finnish Way: Only Dead Fish Follow The Flow
Sahlberg geeft aan dat dit gezegde in Finland gebruikt wordt om aan te geven dat je blij moet zijn om dingen anders te doen. Waar onderwijshervormingen in de rest van de wereld zich in het algemeen richten op zaken als de focus op kernvakken, standaardisering, kwaliteit van onderwijs verbeteren door scholen en docenten af te rekenen op resultaten en allerlei controlemechanismen te ontwikkelen, ligt bij Finland de focus op het professionaliseren van het onderwijs .

donderdag, december 22, 2011

Mooi schoolvoorbeeld

http://wittering.nl/

woensdag, november 16, 2011

zondag, november 06, 2011

Samenvatting lezing Tex Gunning: ‘De enige opdracht voor een kind: met glans jezelf worden’

Begin oktober was er ‘De Week van het Onderwijs’, een week later gevolgd door ‘De Week van de Opvoeding’.

Waarom twee verschillende weken?

In zijn NIVOZ-lezing betoogde AkzoNobel-topman Tex Gunning dat opvoeding en onderwijs onafscheidelijk zijn: “We kunnen onze kinderen niet de oplossingen meegeven voor de problemen van de toekomst. Maar we kunnen ze wel leren op een bepaalde manier te denken, om samen te werken en samen te leven.”

Onderstaande tekst is door Geert Bors gecomprimeerd uit de volledige NIVOZ-lezing die Tex Gunning op 13 oktober verzorgde in Zeist onder de titel ‘Value Based Education’. Deze lezing werd mede mogelijk gemaakt door de Triodos-bank, die haar accommodatie beschikbaar stelde. De komende weken verschijnen meer bijdragen naar aanleiding van deze bijeenkomst.

Ik heb een dochter van anderhalf. Zij is de reden van dit betoog, want ik wens haar een wereld toe waarin ze zich veilig en welkom voelt, waarin ze verliefd kan worden, wellicht zelf ooit moeder mag worden, waarin ze kan worden wie ze diep van binnen al die tijd eigenlijk al is. De wereld waarin mijn dochter opgroeit is niet zomaar een andere dan die waarin ik ben opgegroeid. Haar werkelijkheid zal een totaal andere zijn dan de mijne, aangezien alles erop wijst dat we ons bevinden in een overgangsperiode. De wereld die we denken te kennen bestaat eigenlijk al niet meer, maar we weten ook nog niet waar het heengaat.

De Amerikaanse droom voorbij

De basis voor het wereldbeeld van babyboomers als ikzelf vormde de tweede industriële revolutie, die met name in de jaren na de Tweede Wereldoorlog voor ongekende groei en welvaart heeft gezorgd. Het referentiekader was The American Dream: voor wie hard genoeg zijn best deed op school en in zijn werk, kwamen geld en geluk als vanzelf in beeld. Economische groei werd de nieuwe religie. Waar ooit God het goede vertegenwoordigde, was groei nu het hoogste goed.
De belangrijkste drivers van die ongelimiteerde groei waren de ogenschijnlijk onuitputtelijke voorraden van onze planeet: de ontwikkeling van de afgelopen decennia kon tot stand komen dankzij goedkope energie, goedkope grondstoffen, goedkoop krediet en goedkope productie als gevolg van technologische innovatie en arbeid uit lagelonenlanden.

Maar de grenzen aan die groei zijn bereikt.
Overal waar we kijken, zien we een combinatie van elkaar versterkende crises:
het vertrouwen in ons financieel-economische systeem wordt in exponentieel tempo uitgehold.
Er is een voedsel- en een grondstoffencrisis, waarbij we met ons zeven miljarden inmiddels 1,5 keer de aanvullingscapaciteit van de aarde nodig hebben om onze levenstandaard te behouden (en waren we allemaal Amerikaan, dan hadden we jaarlijks zes aardes aan natuurlijke hulpbronnen nodig).
Daaraan verbonden worden we geconfronteerd met een energiecrisis: alles draait op fossiele brandstoffen, terwijl we weten dat deze grondstoffen eindig zijn.
Tenslotte verbruiken we niet alleen hulpbronnen, maar produceren we ook meer afval, inclusief broeikasgassen, dan onze planeet aankan. Kortom, we koersen met open ogen af op the perfect storm.

Als je kinderen vraagt naar hun ideeën over een rechtvaardige wereld, dan komen ze met universele waarden die in ieder van ons resoneren: eerlijk delen, voor elkaar zorgen, respectvol zijn, de zwakkeren beschermen.
Als volwassenen voelen we nog altijd dondersgoed aan wat deugt en wat niet, maar we laten ons er veel minder door leiden.

De huidige crises zijn symptomen van een groter fenomeen: het economisch paradigma beloont korte-termijndenken en egocentrisch handelen. Het systeem van winstmaximalisatie werkt corrumperend gedrag in de hand en doet problematiek als afval en onrechtvaardige verdeling af als onvermijdelijke of verwaarloosbare neveneffecten.
Hoe complex en alomvattend de verschillende crises ook zijn, ze zijn niet het werkelijke probleem: ons werkelijke probleem is een waardencrisis.

Een vitale sleutel ligt bij onze leraren

Willen we niet voor een mondiaal levensbedreigende situatie komen te staan, dan moeten we onherroepelijk weg van een cultuur die is gestoeld op niet-duurzame, onrechtvaardige waarden.
We hebben een nieuwe cultuur, een nieuw moreel vertrekpunt nodig.
Dat is minder ingewikkeld dan het lijkt, want de kennis van wat goed voor ons is, zit diep in onze genen, zoals bijvoorbeeld de Chileense bioloog Humberto Naturana stelt: als menselijke soort hebben we de afgelopen 200.000 jaar alleen maar kunnen overleven in co-existentie. Hoewel onze huidige cultuur het individualisme heeft bevorderd, zit het besef dat we als individu minder overlevingskansen hebben dan als collectief verankerd in ons DNA.

Het is tijd om welvaart veel breder te definiëren. Niet louter in termen van geld, maar ook in intellectuele, sociale en spirituele waardencreatie. Bij de verfdivisie van AkzoNobel hebben we onze missie gedefinieerd als “Adding colour to people’s lives”. Natuurlijk verkopen we verf, daar leven we van, maar we zijn ook zeer actief bezig om over de hele wereld kleur te geven aan achterstandswijken, aan scholen en ziekenhuizen. Wij zien onszelf als missionarissen die kleur brengen en we helpen mensen een meer kleurrijk leven te leiden.
Het is onze overtuiging dat het, vanuit integere drijfveren, streven naar niet alleen economische waardecreatie maar ook sociale waardecreatie uiteindelijk altijd beloond wordt. Wie goed doet die goed ontmoet, zoals het oude gezegde luidt. Goed doen resoneert en geeft zin, inspiratie en motivatie bij iedereen die bij de projecten zijn betrokken. Zowel bij onze medewerkers als bij onze klanten. We geloven dat onze klanten ook mensen zijn en dat ze een voorkeur hebben voor bedrijven die “goed doen in hun samenleving”.

Een ander script dat we ter discussie moeten stellen is onze definitie van groei. Ik vind dat we afmoeten van kwantitatieve groei en dat we naar kwalitatieve groei toe moeten. De verschillende crises die op ons afkomen dwingen ons in te zien dat de grenzen aan de groei bereikt zijn. Als er één credo is de komende jaren dan is het “meer met minder”! En waarom ook niet? Wie heeft bepaald dat groei een must is?

Hoe gaan we komen tot die nieuwe cultuur? De nieuwe rolmodellen, het nieuwe leiderschap, zullen we moeten zoeken bij onszelf. Zoals Gandhi ooit stelde: “Be the change you want to see in this world”. Niet voor niets zit hij prominent in de Think Different-commercial van Apple, die dezer dagen vele malen herhaald is: hoe zou de wereld er vandaag uitzien zonder mensen met de moed om, tegen de politieke realiteit in, te streven naar vrijheid? Zonder mensen die zich lieten leiden door hun innerlijke waarden, dwars tegen de stoom in? Dit soort mensen vaart op innerlijke motivatie. Wie van binnenuit zijn koers bepaalt, neemt verantwoordelijkheid voor zijn eigen geluk en voor het geluk van anderen.

Voor onze huidige crises kunnen we niet wachten op een Gandhi of een andere verlosser. We zullen dit zélf moeten oplossen. Het is een opdracht aan ons allemaal. Als ondernemers, bestuurders, politici, kunstenaars, juristen, economen, wetenschappers, journalisten, artsen, ontwerpers, ingenieurs, en, last but not least, als docenten en ouders zijn we allemaal leiders, allemaal rolmodellen.
Als volwassenen kunnen we het goede voorbeeld geven, maar de werkelijke quantum leap kunnen we maken door onze kinderen anders op te voeden en te scholen.

Onderwijs voor het leven, in de breedste zin

Het huidige onderwijssysteem, met zijn sterke focus op het cognitieve en nog altijd gestoeld op het gedachtegoed van de tweede industriële revolutie, is niet gericht op het tot ontwikkeling brengen van mensen voor een nog onbekende toekomst, maar op het klaarstomen van een beroepsbevolking voor de wereld van gisteren.
Het mainstream onderwijs maakt vier kapitale vergissingen:

Ten eerste kiest het onderwijs, inclusief Minister Van Bijsterveld, een verkeerde focus door vooral in te zetten op taal en rekenen. De politiek spreekt nog steeds van een kenniseconomie, terwijl een belangrijk deel van die economie, net zoals de arbeidsintensieve maakindustrie in het verleden, aan het verdwijnen is naar lagelonenlanden als India, waar jaarlijks alleen al 350.000 ingenieurs afstuderen.

Een tweede misvatting is de selectie op punten: “prestatieafspraken” en het verhogen van de Citoscore leiden niet tot het ontwikkeling brengen van kinderen, maar stimuleren scholen om kinderen op te leiden voor de toets. Die obsessie zorgt ook voor sociale ontwrichting, omdat het kinderen die onder de lat eindigen het idee geeft dat ze niet deugen. Maar liefst 25 procent van de kinderen past niet binnen het systeem: sommigen kunnen niet meekomen; voor anderen is het onderwijs niet uitdagend genoeg.

Ten derde kweekt ons onderwijs volgzaamheid: kinderen “slagen” door zich te conformeren en risico’s te mijden.

De grootste misvatting tenslotte betreft de opdracht aan het Nederlands onderwijs, zoals geformuleerd door het ministerie en onlangs bevestigd door de Minister: kennisoverdracht.
Ten eerste zal niet kennis, maar het ontwikkelen van zelfkennis en zelfvertrouwen om gezamenlijk complexe problemen op te lossen het toekomstig succes van een kind bepalen.
En daarbij stelt de Minister een belangrijke taak van het onderwijs in de schaduw, als ze hem al vindt passen binnen de kernopdrachten van het onderwijs: het opvoeden en vormen van kinderen.

Teneinde onze kinderen voor te bereiden op hun complexe wereld en hen het zelfvertrouwen te geven om hun wereld positief tegemoet te treden, zou het onderwijs veel meer uit moeten gaan van de mogelijkheden en interesses van het kind. Het zou kinderen moeten voorbereiden op het leven in de meest brede zin, zodat kinderen:
- …zichzelf leren kennen en bewust en met zelfvertrouwen kunnen leven;
- …het leuk vinden te leren en te onderzoeken;
- …toegerust worden voor een evenwichtig sociaal leven;
- …toegerust worden voor een leven in co-existentie met anderen en de natuur;
- …en zodat kinderen van daaruit in staat zijn een waardevolle bijdrage te leveren aan de maatschappij.

Naar waardengedreven onderwijs

Ik wil onderwijs met een dergelijke focus waardengedreven onderwijs noemen. Het kan op allerlei manieren, binnen alle stromingen van onderwijs, vorm krijgen, met als enige onderscheidende factor de nadrukkelijke vraag: welke waarden willen wij onze kinderen meegeven? Die vraag hoort niet thuis in een extra-curriculaire activiteit buiten de “echte” vakken, maar moet de onderliggende waarde zijn van het gehele onderwijs. Voor kinderen is er geen standaard waaraan je moet voldoen. Je enige opdracht is met glans jezelf te zijn. Kinderen die de kans krijgen om het beste uit zichzelf te halen, doen dat ook. Gewoon omdat het vermogen tot leren en groeien is aangeboren, en ze daar plezier in hebben.
Kinderen hebben van nature de talenten, de creativiteit en de empathie die nodig zijn om hun rol in het leven te spelen. Het is onze taak die vermogens te cultiveren, en een klimaat te scheppen waarin ze uit kunnen groeien tot een volwassen humaniteit. Waarom? Omdat waardengedreven onderwijs leidt tot persoonlijk leiderschap. Het zorgt ervoor dat kinderen stevig in hun schoenen staan. Als je weet wie je bent en wat je in huis hebt, dan kun je van daaruit het leven tegemoet treden. Het leert kinderen om keuzes te maken in overeenstemming met hun diepste wezen. En vooral ook: de verantwoordelijkheid voor die keuzes te dragen.

Het bijbrengen van waarden, “opvoeding”, is niet alleen de taak van ouders. Het is een gezamenlijke zaak van de gemeenschap en, niet in de minste plaats, van leraren. In een wereld die in toenemende mate onderling verbonden is, past het niet om schotjes te zetten tussen thuis en school. Ouders en leraren horen samen te werken aan de opvoeding van kinderen en te zorgen voor een doorgaand proces waarbij alles in dienst staat van het stimuleren van het kind en het bieden van kansen om het beste uit zichzelf te halen.

Bouwen aan een nieuwe wereld
In een wereld die zo snel verandert als de onze, kunnen we amper voorspellen hoe volgend jaar eruit ziet, laat staan hoe de wereld er over vijftig jaar uitziet. We kunnen onze kinderen dus niet de benodigde oplossingen meegeven voor de problemen van de toekomst. Maar we kunnen ze wel leren op een bepaalde manier te denken, om samen te werken en samen te leven, zodat ze later in staat zullen zijn om op een zinvolle en effectieve manier de problemen van hun tijd te tackelen.
De kracht van een systeem zit niet in het verbeteren van de onderdelen, maar in het versterken van de onderlinge relaties. Kinderen moeten geschoold worden in het systeemdenken, zodat ze vertrouwd worden met het idee dat alles onderling verbonden is. Dat alles wat je als individu doet, invloed heeft op het geheel. Het idee van verbondenheid creëert verantwoordelijkheid.

Waardengedreven onderwijs is geen idylle. Veel van wat ik betoog, is dagelijkse kost in een veelgeprezen onderwijssysteem als het Finse.
En van alle basisscholen in Nederland doet ongeveer 15 tot 20 procent in enige vorm aan waardengedreven onderwijs. Het heeft vele verschillende verschijningsvormen, maar er zijn een paar basisvormen die vaak terugkomen.
- De school is een open ruimte, waarin kinderen gewoon rond mogen lopen;
- De kinderen leren in hun eigen tempo;
- Het materiaal is geschikt voor allerlei creatieve uitingsvormen zodat elk kind op zijn eigen manier kan leren;
- Alles gebeurt in overleg met de kinderen.

Waardengedreven scholen bieden heel veel vrijheid. Het mooie is dat kinderen die vrijheid prima aan blijken te kunnen, juist omdat de dingen die ze doen uit henzelf komen en niet opgelegd zijn. Ik ben ervan overtuigd dat een dergelijke houding van leraren, van ouders, van de samenleving andere kinderen oplevert. Kinderen die veel beter in hun vel zitten, beter kunnen samenwerken, creatiever zijn in het vinden van oplossingen voor problemen, meer uit zichzelf zullen halen en beter toegerust zijn voor hun taak: het bouwen van een nieuwe wereld.

Tex Gunnings lezing is de derde in de reeks NIVOZ-lezingen, een tweejaarlijkse traditie, waarin oorspronkelijke en maatschappelijk betrokken denkers het Nederlands onderwijs vanuit een bredere context bezien. In de twee eerdere edities stelden Herman Wijffels (2006) en Hans Adriaansens (2008) dwingende morele vragen aan ons onderwijs en droegen verstrekkende oplossingen aan.
Deze bijdrage is van de hand van Geert Bors, redacteur van NIVOZ/hetkind, zie http://www.nivoz.nl. De originele tekst is mede tot stand gekomen door Roel Esseboom en Petra Pronk. De beelden zijn van Henk van Dijke.

This is the first day of the rest of your life