vrijdag, februari 17, 2017

Masterclass SocraticDesign 2017

Onder leiding van Humberto Schwab maakten we in deze masterclass kennis met de Socratische dialoog en Schwabs methodiek van Socratic design.
De Socratische dialoog is de gespreksvorm bij uitstek waarin de basis wordt gelegd voor zo’n gezamenlijk leerproces.
Het is een gesprekstechniek waarin deelnemers in staat worden gesteld om collectieve kennis en wijsheid te genereren.

https://www.youtube.com/watch?v=9j9-Cg_OF0g&t=1301s

Introductiefilm Hogeschool Rotterdam Kenniscentrum Business Innovation

Kenniscentrum Business Innovation

Arjen van Klink, Programmadirecteur Kenniscentrum Business Innovation

https://www.youtube.com/watch?v=8CX0Dtl-1Cw&feature=youtu.be

donderdag, januari 26, 2017

Rotterdam overzicht onderwijs

Rotterdam heeft 196 basisscholen (januari 2017)

http://www.rotterdam.nl/school

https://www.scholenopdekaart.nl/basisscholen/zoeken?woonplaats=rotterdam&presentatie=1&sortering=2

Openbaar 72
Prot. Christelijk 57
Katholiek 43
Algemeen bijzonder 18
Confessioneel overig 4
Samenwerking 2

Totaal 196

Basisonderwijs 164
Speciaal onderwijs 19
Speciaal basisonderwijs 13
Totaal 196

Christelijk Voortgezet Onderwijs
7 scholen 20.000 leerlingen

http://www.cvo.nl

Openbaar onderwijs
82 scholen 30.620 leerlingen

http://www.boorscholen.nl/

LMC Voortgezet onderwijs
24 vestigingen 8.200 leerlingen

http://www.lmc-vo.nl/

vrijdag, december 23, 2016

maandag, december 19, 2016

maandag, november 21, 2016

Claire Boonstra: ‘Waartoe dient het Onderwijs?’

Claire Boonstra maakte in 2012 een overstap van het bedrijfsleven naar het onderwijs. In 2013 startte ze Operation Education, waarmee ze kijkt naar leersystemen van de toekomst en het huidige onderwijs bevraagt. ‘Waartoe dient het onderwijs?’ is een van de vragen waarop we 23 november tijdens ‘Reinvent the Way we Work and Learn’ (deels) een antwoord proberen te formuleren.

Om maar met de deur in huis te vallen: wat is het doel van onderwijs?

Wat me enorm verbaast is dat we het diep vanbinnen eigenlijk bijna allemaal eens zijn over wat het doel van onderwijs zou moeten zijn. Het zou moeten dienen tot het ontwikkelen van ieders unieke en oneindige potentieel. Kinderen zouden moeten leren hoe een leven lang bij te dragen aan een gezonde, vredige en duurzame samenleving. Toch handelen veel mensen anders en is het onderwijs voornamelijk gericht op het bereiken van succes in onze samenleving en om economisch zo rendabel mogelijk te zijn.

Er is dus een grote ontkoppeling ontstaan tussen wat we willen en wat we doen en daar zijn we ons niet altijd bewust van. Dat moeten we eerst worden, voor we die twee zaken weer bij elkaar kunnen brengen.

Welke gevolgen heeft deze ontkoppeling?
Die heeft nare effecten. We weten wel wat goed is, maar doen toch iets anders. In het onderwijs gaan we nog steeds uit van hoe het altijd is gegaan, zonder te weten waarom dat eigenlijk zo is. Er zal wel over na zijn gedacht, denken we dan, maar dat valt tegen. Wij proberen met het project ‘Onderwijsvragen’ het systeem te bevragen. Hoe is dit zo gekomen en wat is de wetenschappelijke onderbouwing?

In het boek ‘The End Of Average’ toont Todd Rose aan dat ons huidige systeem gestoeld is op drie principes:

Het idee van de gemiddelde mens;
Dat je op basis daarvan een indeling in hoog en laag kunt maken;
En op basis daarvan een splitsing tussen nadenkende, hoogopgeleide en uitvoerende, laagopgeleide mensen.

Volgens Rose beredeneren we alles naar het gemiddelde: seks, gewicht, leerniveau, en vinden dat we het beter moeten doen. Maar de gemiddelde mens bestaat helemaal niet. Zo werden cockpits in het Amerikaanse leger gebouwd op basis van de gemiddelde lichaamsafmetingen van piloten, maar van de 4.063 piloten voldeed niemand aan die specifieke dimensies. In het onderwijs en de samenleving zie je deze redenering naar het gemiddelde ook. Mensen hebben een oneindig groot spectrum aan motivaties, interesses en persoonlijkheden, maar we zetten tussen hen en de oneindige rollen die ze zouden kunnen spelen in de samenleving een filter en die norm bepaalt of je oké bent of niet. Er is een systeem ontstaan dat meer waarde hecht aan degenen die hoger zitten en de lager ingedeelden minder waardeert. Dat is niet acceptabel.

Die indeling vind je overal terug: hoog- of laagopgeleid, hogere of lagere beroepen, bedrijven die op basis van rankings personeel promoveren of ontslaan. De effecten daarvan zijn heel heftig. We vertellen grote groepen mensen dat ze niet meetellen en dat blijven we doen. Die mensen haken af en voelen zich niet erkend en minderwaardig. Dat is het onderliggende patroon bij Trump en Wilders stemmers, bij de Brexit, radicalisering, IS-strijders: het zijn veelal mensen tegen wie we altijd gezegd hebben: sorry, jij telt niet mee. Mensen die we beoordelen aan de hand van een norm waaraan niemand voldoet.

Op basis hiervan is een hiërarchie ontstaan. De bovengemiddelden sturen processen aan die de ondergemiddelden moeten uitvoeren. Die laatste groep heeft niks te zeggen of willen, onder het mom dat die mensen niet weten wat goed voor ze is. We herkennen dit allemaal, maar het heeft grote effecten op de samenleving. We weten niet goed meer waar het om gaat.

Waar gaat het dan eigenlijk om?
Aan de ene kant om de ontwikkeling van individuen en aan de andere kant om de samenleving en de planeet. De leer- en werkomgeving begeeft zich daartussen. De school is een oefenplek tussen thuis en de straat waar je leert hoe het is om op een volwassen manier in de wereld te staan. We hebben ons gericht op de vakinhoud, om het juiste antwoord te geven en te voldoen aan een bepaalde norm. Wat het betekent om op een volwassen manier bij te dragen aan de samenleving zijn we kwijtgeraakt. En dat zien we terug in het gedrag van mensen. Aandacht trekken, machtsvertoon, wraakzucht, opgeven: het onderliggende gevoel is ‘Ik wil er gewoon bij horen!’.

- Je ziet dat steeds meer kinderen huiswerk- en studiebegeleiding krijgen. Bijles, remedial teaching, maar ook diagnoses als dyslexie, hoogbegaafdheid en ADHD vliegen je om de oren. Zijn dit symptomen van kinderen die zich stukbijten op deze norm?
Dat is precies wat er gebeurt. We zeggen er is een norm en dit valt erbinnen of -buiten. We hebben het letterlijk over disorders: Autism Spectrum Disorder, Attention Deficit/Hyperactivity Disorder. Dit zijn afwijkingen van het gemiddelde, terwijl het juist die afwijkingen zijn die de samenleving sterk maakt.

Professor Ricardo Hausmann heeft de ‘economic complexity index’ ontwikkeld die aangeeft wanneer een stad of land economisch succesvol is. Hij heeft verschillende factoren bekeken. Het aantal jaren gevolgd onderwijs bleek nauwelijks relevant, vier andere factoren wel: diversiteit, uniciteit, complexiteit en nabijheid van economische activiteit. Hoe meer van deze waardes in een bepaald gebied voorkomen, hoe sterker de economie. Dit geldt ook in de natuur: hoe diverser het ecosysteem, hoe sterker. Het is dus zaak de verschillen te omarmen en ze niet af te wijzen op basis van een standaard.

We zijn dus eigenlijk afgedreven van onze natuur?
Dat is de ontkoppeling en die vindt overal in de samenleving plaats. In hoe we met de ontwikkeling van jonge mensen omgaan, onze kennis over wat goed is voor de samenleving, de natuur en onszelf. Hoe vaak hoor je mensen niet zeggen: ‘Ik zou eigenlijk voor mezelf willen beginnen, maar ja, dat kan nou eenmaal niet.’ Mensen blijven hangen in een situatie die ze eigenlijk verschrikkelijk vinden en dat is het voorbeeld dat ze meegeven aan hun kinderen.

Wat kunnen we daaraan doen?
We hebben als taak om ons bewust te worden van die ontkoppeling en vervolgens het gat te dichten. Iedereen die bezig is met de ontwikkeling van mensen moet in staat zijn om educatief leiderschap te tonen, om zelf te bedenken wat nodig is voor de ontwikkeling van zichzelf of de ander. Wat kan ik doen om daaraan bij te dragen? Dat is ons niet geleerd. Die leiders kunnen docenten zijn, politici, ouders, maar ook leerlingen en studenten zelf. Mensen die een rol spelen in de ontwikkeling van jonge mensen. Daarin moeten we stappen zetten en samenwerkingsverbanden opzoeken.

Zijn mensen bang om die stap te zetten?
Doodsbang. Mensen zijn bang voor de consequenties van het systeem. Wat gebeurt er als ik me niet aan de afspraken houd? In veel scholen is nog geen cultuur aanwezig om een lerende organisatie te kunnen zijn. De lessen spelen zich volgens een methode af in een klaslokaal. Het is organisatorisch moeilijk om daar verandering in te brengen. Sommige scholen doen dit al heel goed, maar dat is een minderheid.

Een andere angst is dat mensen niet weten of ze wel het goede doen. Het gaat toch om kinderen en daar experimenteer je niet mee, is de gedachte. Dat impliceert dat het huidige onderwijssysteem goed is, maar dat is niet altijd zo. Neem bijvoorbeeld zittenblijven – een gewoonte waar bijna de helft van alle leerlingen mee te maken krijgen. Hier is veel onderzoek naar gedaan; op de lange termijn is er geen positief effect gevonden. We durven niet goed af te wijken van de gewoonte maar vragen onszelf ook niet hardop af of wat we nú doen wel goed is.

Moet dit bewustwordingsproces dan niet in alle lagen van de maatschappij plaatsvinden?
Ja, en gelukkig is dit proces deels al gaande, maar wij richten ons met ‘Operation Education’ vooral op die groepen mensen die nog niet precies weten welke stappen ze kunnen zetten. We willen ervoor zorgen dat zij zich bekrachtigd voelen om zelf te gaan handelen en ook weten hoe dat te doen. Als mensen zich gesteund en sterk voelen gaan ze dingen regelen. Dat gaat voorbij welk dogma dan ook. Eigenlijk weten we allemaal wel wat goed is, dat is universeel. Dat gaat over de manier waarop wij omgaan met onszelf, elkaar en de planeet.

Wat hoop je dat we op 23 november bereiken?
Dat mensen door alles wat er die dag gebeurt en wordt gezegd bewust worden van waar het om gaat: de kloof tussen de elite en de rest wordt steeds groter, maar ik ben zelf in staat om te handelen. Niet afwachten tot Den Haag of een ander actie onderneemt, maar ik. Wat ík doe heeft invloed op het systeem.

Laat je nog meer inspireren door Claire Boonstra en andere onderwijs experts op 23 november in Rotterdam.

——————

Video: Reinvent the way we work & learn, November 23rd, Maassilo Rotterdam

woensdag, oktober 12, 2016

What is the Future of Education? | Ray Kurzweil Q&A | Singularity University

https://www.youtube.com/watch?v=zTPDdukRUzw&sns=fb&app=desktop

De Broekriem en Stroomopwaarts MSV

Haal meer uit je studie: 5 tips voor een sterk cv

PIeter Vermeer 7 oktober 2016

Nadat je klaar bent met afstuderen wil je met een mooi cv zo snel mogelijk aan de slag om zo verder te komen in de carrière die jij voor ogen hebt. Wanneer ik terugkijk naar mijn eigen studententijd zijn er een aantal zaken die ik anders had kunnen doen om mijn ervaring en expertise te kunnen verbeteren. Nu geef ik jou mijn 5 tips hoe je het meeste uit je studie kunt halen zodat je met een strak cv de arbeidsmarkt op kunt.

1. Maak de juiste keuzes

Kijk niet alleen naar studies die je leuk lijken, maar ook naar het carrièreperspectief. Toen ik destijds Bouwkunde selecteerde als studie, kon ik natuurlijk niet voorzien dat dankzij de economische crisis de bouwsector het momenteel zwaar heeft en deze studie op je cv niet de beste baankans geeft. Gelukkig had ik via mijn keuzevakken er wel alles aan gedaan om mijn carrièreperspectief te verbeteren, zo heb ik een vak ondernemerschap en vastgoedkunde gevolgd bij andere faculteiten op de TU Delft. Probeer dus ook keuzevakken te kiezen die jouw kansen op de arbeidsmarkt vergroten doordat ze je relevante kennis en skills meegeven. Wanneer je niet weet hoe je de beste keuzes kunt maken, dan kun je altijd contact opnemen met je studieadviseur of via LinkedIn kijken naar het profiel van alumni van je opleiding.

2. Loop stage, en neem het serieus.

Het is altijd verstandig om stage te lopen bij een bedrijf dat past binnen jouw carrièreplan. Maak niet de fout om je stage als slechts een verplichting te zien, maar maak er ook echt iets van. Maak connecties, niet alleen met je directe collega’s maar ook met je managers. Je bepaald zelf grotendeels het succes van je stage door assertief te zijn. Je hoort vaak dat mensen na hun afstuderen dankzij een eerdere stageperiode al een voet tussen de deur hebben bij een bedrijf. Ook kan het zorgen voor een goede referentie voor op je cv of aanbeveling op LinkedIn. Al afgestudeerd? Sommigen kiezen er dan voor om een werkstage te doen, een werkervaringsplek is dan soms een goede optie.

3. Ga het bestuursleven in.

Een studie kan op zichzelf al zwaar zijn, maar toch loont het om naast je studie ook actief te zijn in studie- of studentenverenigingen. Een functie in het bestuur van een vereniging toont aan dat je gemotiveerd bent en ervaring hebt als leider. Bovendien is het een leuke manier om nieuwe mensen te leren kennen en deze mensen kunnen later weer waardevolle netwerkcontacten vormen. Zelf heb ik geen bestuurswerk gedaan tijdens mijn studie, dat was bij mijn eerste sollicitatie dan ook de reden dat een andere kandidaat de voorkeur kreeg.

4. Werk aan je technologische kennis.

In deze digitale tijd is het voor een toekomstige werkgever zeer interessant wanneer je bekend bent met verschillende soorten software en programma’s. De basis als Word, Excel en Powerpoint, dat kan natuurlijk iedereen. Maar je kunt je onderscheiden door te leren coderen, een website te bouwen of door een goed begrip te hebben van de kracht van social media. Tijdens mijn studie heb ik bijvoorbeeld een cursus Photoshop gedaan, dit lijkt niet direct relevant voor veel werkgevers maar bij veel kleine bedrijven vinden ze het fijn als iemand even snel een afbeelding te maken of een presentatie te ontwerpen. Lees hier meer over het belang van deze 21st century skills.

5. Ontwikkel je personal brand.

Je personal brand is de combinatie van je cv, je reputatie, je betrouwbaarheid en de potentie die je hebt. Door hard te werken en boven verwachtingen te presteren creëer je goede banden met vrienden, docenten en collega’s. Door te luisteren naar de ander en door te weten waar je krachten liggen ontwikkel je een reputatie die je verder kan helpen in je toekomstige carrière. Claim ook je successen door bijvoorbeeld een blog bij te houden of op LinkedIn te laten zien wat je allemaal hebt gedaan naast je studie. Een goede personal brand helpt je bij het ontwikkelen van een netwerk en dat is essentieel om stappen te maken in je carriere.

Het lijkt met deze opsomming dat ik het allemaal perfect weet, maar tijdens mijn studie heb ik met de meeste bovenstaande punten onvoldoende gedaan. Inmiddels ben ik 31 en heb ik als oprichter bij DeBroekriem inmiddels honderden trainingen gezien en langzaam zijn deze punten voor een krachtig cv duidelijk geworden. En met de kennis van nu, zou ik me als student net zo goed weer verslapen voor een belangrijk college als ik de avond ervoor een mooi feest heb gehad!

http://www.debroekriem.nl/debroekriem-is-gestart-schiedam-maassluis-en-vlaardingen/

vrijdag, oktober 07, 2016

7 Leervelden voor de Procesmanager

https://vimeo.com/174406991/e7d4048f46

dinsdag, september 27, 2016

vrijdag, september 23, 2016

Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse onderwijsinstellingen voor onderwijs foodsector

Datum publicatie: 21-09-2016 15:52

Een samenwerking voor de toekomst van het onderwijs in de foodsector in de Rotterdamse regio.
Dat is wat op 21 september met de ondertekening van een overeenkomst is bekrachtigd door burgemeester Ahmed Aboutaleb, de gedeputeerde van de Provincie Zuid-Holland en vertegenwoordigers van
de Erasmus Universiteit Rotterdam,
Hogeschool Inholland,
Hogeschool Rotterdam,
het Wellantcollege,
Lentiz onderwijsgroep,
Albeda en
Zadkine.

Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse onderwijsinstellingen voor onderwijs foodsector

De ondertekening vond plaats tijdens de bestuurdersconferentie van Eurocities in aanwezigheid van diverse officials van de EU, Rijksoverheid en Metropoolregio Rotterdam Den Haag.
Door nieuwe technologische ontwikkelingen en de wens om meer duurzaam te produceren, verandert de arbeidsbehoefte van bedrijven in de foodsector. Met de nieuwe samenwerking bereiden de onderwijsinstellingen zich voor op de toekomst zodat het onderwijs aansluit op de veranderende arbeidsbehoeftes van het bedrijfsleven in de foodsector. Deze grootschalige vorm van samenwerking is uniek in Nederland en Europa.

Experimenteerruimte
Wethouder Maarten Struijvenberg (Werkgelegenheid en Economie): “De food sector maakt een snelle transitie door; daarom is het nodig dat het onderwijs - van VMBO tot universiteit - zich verder ontwikkelt en zo snel mogelijk arbeidskracht en ondernemerschap aflevert die deze transitie mogelijk maken. Dat vraagt om een aanpak voor alle opleidingsniveaus. Het regionale (beroeps)onderwijs dient te beschikken over financiële slagkracht, experimenteerruimte, kennis over de transitie en een netwerk binnen het onderwijs, het bedrijfsleven en de overheid. Met deze samenwerking laten partijen zien dat zij zich hard willen maken voor de ontwikkeling van deze sector.”

Foodsector regio Rotterdam

Aanleiding is het feit dat de foodsector een belangrijk onderdeel uitmaakt van de snel veranderende wereldeconomie.
De verwachting is namelijk dat in 2050 wereldwijd bijna 10 miljard monden gevoed moeten worden.
Een slimmer voedselsysteem is nodig. De foodsector uit de regio Rotterdam produceert en ontwikkelt hiervoor dagelijks oplossingen en speelt een belangrijke rol in de Nederlandse en mondiale economie.
De sector bestaat uit ruim 6.100 bedrijven met 43.000 arbeidsplaatsen met een gezamenlijke omzet van 24,5 miljard.

Onderzoeksagenda en realisatieplan

Op uitnodiging van de Gemeente Rotterdam hebben Erasmus Universiteit Rotterdam, Wageningen UR en Hogeschool Inholland een onderzoeksagenda opgesteld voor diepgravend, breedschalig en toekomstgericht onderzoek naar de economische en maatschappelijke uitdagingen van het foodcluster. Naast de onderzoeksagenda is ook een verkenning uitgevoerd naar de aangrijpingspunten om met het regionale foodcluster een succesvolle omslag te maken naar een dynamisch ecosysteem waarin innovatieve bedrijven, nieuwe, duurzame businessmodellen tot ontwikkeling brengen en economische groei en maatschappelijke doelen bevorderd worden.

De onderzoeksagenda en het realisatieplan worden tegelijkertijd met de samenwerkingsovereenkomst gepresenteerd.  “Met de lancering van dit unieke initiatief - nergens in Europa wordt op dit gebied op zo’n grote schaal met elkaar samengewerkt - wordt het onderwijs over alle opleidingsniveaus ondersteund in de transitie ten behoeve van de foodsector. Nu al is de foodsector een van de meest relevante economische sectoren van de Rotterdamse regio met arbeidsplaatsen over alle opleidingsniveaus. Deze samenwerking draagt bij aan het behouden én stimuleren van economische groei en daarmee banen”, aldus Struijvenberg.

dinsdag, september 06, 2016

aantal relevante films over o.a. onze toekomst en onderwijs

Do Schools Kill Creativity? | Sir Ken Robinson | TED Talks 10.619.678 weergaven

https://www.youtube.com/watch?v=iG9CE55wbtY

Het kind als antwoord door Luc Stevens

https://vimeo.com/37237946

onderwijs2032

http://www.youtube.com/watch?v=VDtXu_e1Gac&list=PLYoSenbqUxFTLzDRLVCcT5PGDy2UxTqhR&sns=em

onderwijs2032 - Eric van ‘t Zelfde

https://www.youtube.com/watch?v=a0zaYIY0BPo&index=15&list=PLYoSenbqUxFTLzDRLVCcT5PGDy2UxTqhR

onderwijs2032 - Claire Boonstra

https://www.youtube.com/watch?v=ONwRf1jaM60&index=16&list=PLYoSenbqUxFTLzDRLVCcT5PGDy2UxTqhR

onderwijs2032 - Robbert Dijkgraaf

https://www.youtube.com/watch?v=wBf3v_8oB2I&list=PLYoSenbqUxFTLzDRLVCcT5PGDy2UxTqhR&index=6

Bill Gates: how online courses can radically improve education by 2030

https://www.youtube.com/watch?v=Hrd0NiWMIjk&list=PLUBhBAzu4y6y61SULBN7VgIXgITB7UgUc&index=5

The World in 2050 - Future study presented by Frank Appel

https://www.youtube.com/watch?v=VE0lPTfsBoI&index=1&list=PLUBhBAzu4y6y61SULBN7VgIXgITB7UgUc

Life in 2030

https://www.youtube.com/watch?v=I9L79_xEQ-U&index=2&list=PLUBhBAzu4y6y61SULBN7VgIXgITB7UgUc

Life in only 10-15 years! (2025-2030)

https://www.youtube.com/watch?v=nG3P5NqQIfU&list=PLUBhBAzu4y6y61SULBN7VgIXgITB7UgUc&index=3

AGENDA 21 ON HOW IT WILL AFFECT YOU

https://www.youtube.com/watch?v=qnSKLsDHp4I&list=PLUBhBAzu4y6y61SULBN7VgIXgITB7UgUc&index=9

Is Gaming The Future of Education?

https://www.youtube.com/watch?v=QY3FbIzkNss

Humans Need Not Apply 6.974.924 weergaven

https://www.youtube.com/watch?v=7Pq-S557XQU&list=PLNWjiwawS7yoqex1UmeAhurLlDBsNvzaH

zondag, juli 31, 2016

Tools voor digitaal onderwijs

Tools voor studie

Quizzes/testing/games
• BookWidgets -Worksheets, simulations, games & more for use in classrooms and multi-touch books
• Classmaker - Easy online testing
• Classtools - Several classtools of any kind
• Easy Test Creator -
• Educaplay - Create numerous interactive games with instant feedback
• Flipquiz - create your own gameshow-style boards for test reviews in the classroom
• Flubaroo - Assess and evaluate student’s work/progress online
• Formative - A free platform for creating formative assessments + acting on real-time student insights
• Google forms - Easy for quizes, evaluations or questionnaires
• Imagequiz -
• Kahoot - Interactive and motivational quiz
• Lightsail - Formative testing, Lightsail Accelerates Literacy Development And Fosters A Love Of Reading
• Plickers - Plickers is a powerfully simple tool that lets teachers collect real-time formative assessment data without the need for student devices
• Purpose Games - Quizzes and knowledge games - topic specific
• Quizbean -
• Quizlet - Flashcards, study games, and tests
• Quizit - Online already existing quizzes
• Quizizz - Quizizz is a fun review tool that allows the entire class to practice together. Its completely free
• Quiz Revolution - Make awesome free surveys and quizzes for your website to keep visitors engaged
• Riddle - Create quizzes and polls online
• Socrative - Online quiz where the teacher can keep track of all students’ progress
• The Answer Pad - Continuous formative assessment, with awesome drawing, & a self-grading quiz app, capturing student work

Studying
• Funnelbrain - Flashcards
• Learningpod -
• Studyblue - Provides intelligent learning tools including flashcards, notes, study guides and more
• Vocabulary - Acquire vocab easily
• WRTS - Study vocabulary easily and effectively (only meaning-focused, not CLT)

Other
• Add-ons (Chrome) - several add-ons for web browser Google Chrome
• Answer garden - Allows students to give answers which will show on the teacher’s screen
• Biodigital - Discover the human body
• Classdojo - Assigns each student a ‘monster’ and enables keeping track of behaviour/homework/activities
• Emodo - The safest and easiest way for educators to connect and collaborate with students, parents, and each other.
• Google Classroom - Set up an online classroom
• Google docs - Work on the same document at the same time
• Google spreadsheet - Work on the same spreadsheet at the same time
• Mentimeter - Create graphics at an instant using students’ input
• Remind - Reach students and parents where they are. Simple, safe, and free.
• Seesaw - Seesaw is a student-driven digital portfolio. We make it simple to get student work in one place and share with parents.
• Smore - Easy to create newsletters/articles
• Storehouse - Turn a collection of photos into a story
• Storybird - Easily create your own book
• Storify - Create stories using your own voice and images
• Super Teacher Tools - Useful tools that can be used during your lesson
• Voicethread - A tool that allows you to send voice messages as opposed to texts, to keep messages personal.

Presentations
• Google presentations - Work on the same presenation at the same time
• Nearpod - Create interactive slideshows, using questions, quizzes, images & text.
• Peardeck - Create beautiful interactive lessons, presentations, and assessments to engage every student
• Powtoon - Animated videos and presentations
• Prezi - Create an online slideshow
• Sliderocket - Online interactive presentations
• SMART notebook - Interactive slideshows for SMART boards

Videos/Cartoons
• Animoto - Create educational videos
• ChatterPix - ChatterPix can make anything talk - pets, friends, doodles, and more (iPad only)
• EDpuzzle - Make any video your lesson.
• Educreations - Create educational videos (iPad only)
• Explain Everything - Create educational videos (iPad only)
• PlayPosit - Deliver video like you teach. Your free tool to unleash the power of video and flip the classroom.
• Shadow Puppet - Easily create videos in the classroom.
• Toondoo - Create your own cartoons very quickly
• Videoscribe - Create your own educational video
• Zaption - Create your tour by using an existing video and adding questions.

Lesson Series
• Blendspace - Creating digital lessons
• BookWidgets - Worksheets, simulations, games & more for use in classrooms and multi-touch books
• GoConqr - Create Your Own Personal Learning Environment With Access to over 3 Million Crowd Sourced Resources.
• MentorMob - Create online lessons/series and place them in a ‘timeline’
• Showbie - Showbie is the fastest, easiest and most effective app for assignments and feedback on your classroom devices.
• Teachers’ Corner - Lesson/activity ideas
• Wikiwijsleermiddelenpleinen - Create your own lesson series online
• Wikispaces - Create your own website

Brainstorm/organising
• Dipity - Create an interactive timeline using media & text
• Lino it - Create and share canvases with post-its and other online tools
• Easel.ly - Create a multimedia infographic
• Glogster - Create multimedia posters
• Kidblog - Safe and simple blogs for your students. Full content moderation and user management tools for teachers.
• Mindmaps - Create online mindmaps
• Note App- Bring sticky notes to your team, in real time.
• Padlet - Create a poster/brainstorm online
• Pictochart - Create a multimedia infographic
• Pinterest -
• Popplet - To capture and organise ideas (similar to mind maps)
• Postermywall - Enables students to create an interactive poster
• Thinglink - Enables students to create an interactive poster
• Tagxedo - Word clouds in various interesting shapes
• Trello - Work together on a brain storm, using decks of cards/lists

Wordle - Create a ‘poster’ (word cloud) out of words

MEER INFO?
http://www.todaysteachingtools.com/lijst-ict-tools.html

vrijdag, juni 24, 2016

Levendig Spaarne debat biedt perspectief

Opleiding van de ouders mag kansen kinderen niet bepalen

Goed onderwijs met gelijke kansen voor alle leerlingen. Zij moeten hun capaciteiten en talenten kunnen ontwikkelen, ongeacht het opleidingsniveau van hun ouders. Dat is goed voor hen en de samenleving en biedt perspectief voor Nederland. Zo zou het moeten zijn. In werkelijkheid neemt de kansenongelijkheid juist toe. Om het tij te keren moeten onderwijs, overheid en ondernemers samen in actie komen, blijkt 14 juni tijdens het Spaarne debat. Leden van De Maatschappij luisteren in Haarlem naar deskundige sprekers om vervolgens onder leiding van Marlies Claasen zeer gemotiveerd mee te discussiëren. Wordt vervolgd, dat is duidelijk.

“We moeten meer vertrouwen hebben en veel meer investeren in docenten, op alle niveaus.” Dat levert, volgens voorzitter Luuc Mannaerts van De Maatschappij, de grootste effecten op als het gaat om het bestrijden van kansenongelijkheid in het onderwijs. “Ik hoop dat de inspiratie die we opdoen leidt tot concrete ideeën en onze 25 departementen dit centrale thema verder invulling geven.” In de richting van het aanwezige D66-Tweede Kamerlid (en voormalig wiskundedocent) Paul van Meenen zegt hij: “D66 heeft zich hard geweerd tegen bezuinigingen in het onderwijs, maar om politiek te scoren moet je eigenlijk de andere kant uitgaan en heel hard vechten voor meer investeringen in het onderwijs. En daarbij denken aan de leraar, want die heeft impact op jouw (klein)kind.”

Mannaerts sluit met deze mini-reflectie het boeiende debat af in het Hodson Huis, het prachtige gebouw aan het Spaarne van de in 1752 opgerichte Koninklijke Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen, waaruit in 1777 de Nederlandsche Maatschappij voor Nijverheid en Handel – “de doeners”, aldus Mannaerts – is ontstaan. De titel van het debat, ‘Gefeliciteerd met de opleiding van je ouders’, komt voort uit de maatschappelijke discussie binnen Perspectief voor Nederland en sluit aan op de acties die De Maatschappij neemt met bijvoorbeeld strategisch initiatief stichting Petje af. Die is ervan overtuigd dat de plek waar de wieg heeft gestaan nooit toekomstige kansen mag bepalen. In werkelijkheid is de opleiding van de ouders echter voor veel kinderen en jongeren nog steeds bepalend voor de kansen die zij krijgen. Als scholen, ook nadat de laatste bel is gegaan, hun taak overnemen, zo blijkt uit de verhalen van andere sprekers en het publiek, en kinderen blijven prikkelen kan dat een positief effect hebben op het wegwerken van ongelijkheid. “Nu gaat Alexander naar pianoles of hockey en krijgt hij huiswerkbegeleiding, terwijl Marietje buiten speelt. Niet alle ouders kunnen de begeleidende rol op zich nemen en daardoor ontstaat kansenongelijkheid”, zegt Van Meenen, die ervoor pleit docenten een dagdeel minder te laten lesgeven, waardoor ze ruimte krijgen voor ontwikkeling.

Luuc Mannaerts weet uit eigen ervaring hoe belangrijk stimulerende ouders zijn. Zij gingen niet akkoord met een mavo- en later havo-advies voor hun pientere zoon. Via de buren kwamen ze in contact met het gymnasium van hun kinderen. Luuc mocht toelatingsexamen doen en voor hij thuis was, wist zijn moeder al dat hij was toegelaten. Spreker Arnold Jonk, hoofdinspecteur PO en (V)SO van de Inspectie van het Onderwijs, is eindverantwoordelijk voor het rapport ‘De Staat van het Onderwijs 2014-2015’ en toont met cijfers aan hoe bepalend de ouderrol is. “Omdat het naar mijn idee met de kansengelijkheid voor kinderen de verkeerde kant opging, hebben we daarnaar onderzoek gedaan.” Bij kinderen met gemiddeld hetzelfde IQ, gemeten op 10-jarige leeftijd, is vijftien jaar later gekeken waar zij waren uitgekomen. “Kinderen met een hogere opleiding (hbo of wetenschappelijk onderwijs), hadden twee keer zo vaak hoog opgeleide ouders. Datzelfde gigantische verschil geldt voor jongeren die naar de middelbare school gaan. Degenen met hoger opgeleide ouders hebben een twee keer zo grote kans naar het vwo te gaan.” Dat komt doordat deze ouders vaker voorlezen, hun kinderen in contact brengen met cultuur en veel meer (kunnen) uitgeven aan bijvoorbeeld bijlessen. “De laatste tijd neemt de kans op ongelijkheid snel toe. De kansenongelijkheid in de samenleving, dus ook in het onderwijs, is de laatste vijf jaar verdubbeld.”

Voorschoolse educatie

Jonk merkt op dat andere landen iets aan de ongelijkheid doen door zoveel mogelijk te investeren in de voorschoolse fase, maar dat is in Nederland heel ingewikkeld vanwege de vele verschillende voorzieningen. Ursie Lambrechts, die spreekt vanuit haar jarenlange ervaring in het onderwijs en als Tweede Kamerlid de portefeuille onderwijs had, houdt niet van de onvermijdelijkheid der dingen en kiest voor het bestrijden van ongelijkheid. Zij is het met Jonk eens dat de vroegschoolse educatie, “waar we al twintig jaar mee bezig zijn”, niet het gewenste effect heeft gehad. “Er moet één goede basisvoorziening voor alle kinderen komen. Iedereen is het daarover eens, toch lukt het niet dat vreemde gesegmenteerde systeem te doorbreken. Het schiet niet op.” Lambrechts vindt ook de gewichtenregeling niet meer van deze tijd. “Scholen krijgen extra geld om kinderen van laag opgeleide ouders te begeleiden. De regeling wordt echter steeds verder aangescherpt, waardoor alleen kinderen van zeer laag opgeleide ouders nog in aanmerking komen.” Een ander punt, waar een groot deel van de zaal het mee eens is, is dat kinderen veel te vroeg moeten kiezen. 12 jaar is te jong, het moet 16 zijn volgens een aantal deelnemers aan de discussie, zoals in Amerika, waar kinderen na het basisonderwijs eerst naar een middenschool gaan en daardoor ook langer in een vertrouwde omgeving blijven.

Ondernemers

Ondernemer Cedric Muchall reageert vanuit de zaal op de stelling ‘Het is onze eigen schuld dat kinderen van lager opgeleide ouders minder kansen hebben, want wij hebben het onderwijs zo ingericht’. Hij mist de rol van de ondernemers in de discussie. “Het gaat steeds over wat de overheid en de onderwijsinstellingen zouden moeten doen, maar het is belangrijk dat ondernemers zich bewust zijn van het probleem en beseffen dat zij urgent iets aan de negatieve gevolgen ervan moeten doen. Als jong digitaal bedrijf met 25 collega’s kost het veel moeite talent te vinden, dus vinden we dat we jongeren zelf moeten kunnen opleiden. Dat kan niet. Uit ons contact met onderwijsinstellingen blijkt dat veel jongeren geen perspectief hebben en denken dat met internet werken, wat ze graag willen, een ver van hun bed show is. Voor hen is er ook plaats, maar dan moeten wij daarin wel worden gefaciliteerd.” Guido Walraven, die mede vanuit zijn betrokkenheid bij het landelijk Kenniscentrum Gemengde Scholen veel kennis van kansen(on)gelijkheid heeft, vindt dat de maatschappij het zich niet kan veroorloven alleen te kijken naar cognitieve vakken, maar vergeet het talent van kinderen te ontwikkelen. Meenen zegt daar later over: “Het kan toch niet dat een danstalent niet wordt toegelaten tot de dansopleiding, omdat hij een rekentoets niet heeft gehaald. Dat gebeurt. Als rector heb ik meegemaakt dat leerlingen met een havo-advies bij mij kwamen omdat ze graag banketbakker wilden worden. Dan zakken ze meteen een niveau of twee en ben je aan de beurt als je dat als school mogelijk maakt. Daar zijn we niet op ingericht.”

Emancipatiemachine

Walraven: “Als de kansenongelijkheid toeneemt zitten we met elkaar op het verkeerde spoor.” Hij constateert dat de emancipatiemachine (die ervoor moet zorgen dat alle jongeren dezelfde kansen krijgen) stokt. “We moeten niet verder bezuinigen, maar met elkaar stevig en duurzaam investeren om die machine aan de praat te houden. Niet alleen de politiek, maar ook het onderwijs en ondernemers moeten keuzes maken en investeren. Met financieel kapitaal om de achterstand te bestrijden, maar ook met sociaal kapitaal. Minder kansrijke jongeren kunnen zonder ondersteunend netwerk geen toekomstbeeld vormen dat ze kunnen nastreven. Ondernemers kunnen hier een rol spelen, door als mentor op te treden voor jongeren die uit hun eigen omgeving geen steun krijgen en ook stageplekken te verlenen aan jongeren met bepaalde achternamen. Daar ligt een uitdaging voor ondernemers, die daarin het verschil kunnen maken.”
Louise Gunning, sinds kort voorzitter van de Koninklijke Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen, spreekt vanuit haar ervaring binnen de Universiteit en de Hoge School van Amsterdam over het hebben van kansen en het behalen van resultaten in het wo en hbo. Over mensen die alle hordes tot en met het vwo al hebben overwonnen. Door het statusverschil dat nog steeds bestaat tussen hbo en wetenschappelijk onderwijs willen ouders graag dat hun kinderen na het vwo naar de universiteit gaan, terwijl een hbo-opleiding de goede algemene vorming geeft die jongeren nodig hebben als ze ondernemer willen worden of in de publieke sector willen werken. Die houding zorgt ervoor dat veel studenten al in het eerste jaar van de universiteit afhaken. “Niet omdat ze niet slim genoeg zijn, ze hebben allemaal een vwo-diploma, maat door ons egalitaire onderwijssysteem dat het onderwijs niet goed aanbiedt. Daarom is het goed dat er matchingweken zijn, waar scholieren kunnen ontdekken of de studierichting van hun voorkeur dat in werkelijkheid ook is.” Gunning pleit ook voor een beter functionerende lerarenopleiding op hoger niveau.

Jeroen Goes is vanaf 2000 schoolleider en inmiddels directeur van de bijzondere basisschool ‘De Werkplaats Kindergemeenschap’ (opgericht door Kees Boeke) en houdt hij zich bezig met ‘het anders willen én durven doen’ en het benutten van de unieke talenten van kinderen. “Niet zo gek dat er ongelijkheid is. Nederland heeft de meeste thuiszitters van Europa. Soms zijn dat heel slimme kinderen, die misschien best goed terechtkomen, maar ze zijn niet in staat onderwijs te volgen. Het onderwijs kan hen niet bieden wat ze nodig hebben. De opdracht daar wat aan te doen ligt bij het onderwijs zelf. Kinderen die de taal niet vaardig zijn komen niet goed aan de bak. 10 procent van de basisschoolleerlingen is functioneel analfabeet en heeft een flinke achterstand. Dat zit niet alleen in bepaalde wijken of afkomst, maar heeft ook te maken met het reguliere onderwijs. Dat moet ook zelf veranderen.”

Petje af

Walter Roza maakt vanaf 29 juni – “als de leden het ermee eens zijn” – deel uit van het landelijk bestuur van De Maatschappij. Hij komt uit het onderwijs en is bestuurder en mede-initiatiefnemer van stichting Petje af, die al zo’n tien jaar weekendscholen exploiteert. Jongeren van 10-14 jaar die in achterstandssituaties verkeren krijgen daar 28 zondagen per jaar de kans hun talenten te ontwikkelen en hun wereld te vergroten. Dat levert hen een beter toekomstperspectief en meer kansen op de arbeidsmarkt op. Het is een van de methoden om de kansenongelijkheid tegen te gaan, maar Roza kijkt uit naar het moment dat de stichting kan worden uitgeschreven bij de Kamer van Koophandel en het creëren van gelijke kansen voor alle leerlingen onderdeel is van het reguliere onderwijs. Tot het zover is rolt Petje af deze formule samen met de departementen van De Maatschappij landelijk uit. Roza: “Ik hoop dat onderwijs, ondernemers en overheid ervoor zorgen dat er wat gebeurt, want eigenlijk is schandalig dat een stichting als Petje af er moet zijn.” Voorlopig is dit werk echter wel noodzakelijk. Samen met de ‘founding partners’ Stichting Kinderpostzegels, Oranje Fonds en De Maatschappij streeft Petje af naar een locatie in elke buurt. Een kleinschalige voorziening die het verschil voor kinderen maakt. Daarom rolt zij haar formule de komende jaren verder uit met als doel het vergroten van de landelijke impact voor kinderen. Leden van De Maatschappij kunnen met een kleine investering in tijd veel betekenen voor de lokale vestigingen, door bijvoorbeeld zitting te nemen in een bestuur of een gastles te verzorgen. Het netwerk van de leden is van groot belang voor de kinderen.

Roza heeft dan ook met veel plezier het voortouw genomen bij het organiseren van het Spaarne debat. “Onderwijs en gelijke kansen hebben al een prominente plaats in onze discussie over het Perspectief voor Nederland. Nu hebben we daar een uitroepteken achter gezet en kunnen we het thema vanuit verschillende hoeken aanscherpen en werken aan een breder vervolg.” Dat komt er zeker, gezien het enthousiasme en de belangstelling van de vele aanwezige leden van De Maatschappij, onder wie een flink aantal vertegenwoordigers van het onderwijs. Tijdens de hele bijeenkomst komen ze voortdurend met vragen en ideeën en vertellen ze presentatrice Marlies Claasen graag over de kansen die zij hebben gekregen van hun al dan niet hoog opgeleide ouders. Ze gaan daardoor zelfs later aan de borrel en ook daar laat het onderwerp hen niet los.

Nico van Grieken, lid Raad van Advies, was bij deze bijeenkomst aanwezig en heeft hierover een interessant blog geschreven.

De klasse van ons onderwijs

Juni 2016. Maand van de eindexamens. Geslaagden vieren hun feest. Vlag uit, schooltas in top. Althans, aan de gevels van huizen met een vlaggenstok. Er zijn ook vlaggenstokarme buurten waar geslaagde leerlingen minder de gelegenheid hebben tot uiterlijk vertoon van een vermoeid neerhangende rugzak.

Kansenongelijkheid

Hoe dan ook: Nederland behoort tot de beste landen ter wereld. Dat geldt evenzeer voor ons onderwijssysteem. Of misschien juister: mede dankzij dat onderwijs staan wij wereldwijd zo hoog aangeschreven. Toch sluimert er iets waarvoor wij ten behoeve van welzijn en welvaart waakzaam moeten zijn: ‘kansenongelijkheid’. Niet alle leerlingen en studenten krijgen de kans het onderwijs te volgen dat past bij hun niveau.
Een relevant thema dat terecht centraal stond in het Spaarne Debat op 14 juni in Haarlem van de Koninklijke Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen (sedert 1752) en de Nederlandsche Maatschappij voor Nijverheid en Handel (sedert 1777).

Gefeliciteerd!

De titel van het - hoogst interessante - debat gaf de lijn ervan fijntjes aan: ‘Gefeliciteerd met de opleiding van je ouders!’ Lees: de klasse van het Nederlandse onderwijs moge gevarieerd en hoog zijn, de betekenis van klasse blijkt ook anders geduid te kunnen worden.
Of, zoals de inspecteur-generaal van het onderwijs, Monique Vogelzang, signaleert in haar verslag over de Staat van het Onderwijs in het schooljaar 2014/2015: ‘We zien dat de kansen van leerlingen in het onderwijs steeds meer uit elkaar lopen: door de toenemende invloed en sturing van ouders (of het ontbreken ervan), de toenemende verschillen tussen scholen en het sturen op gemiddelden in ons onderwijsstelsel’.
Haar vaststelling is dat het bij gelijke intelligentie voor de schoolkeuze en de schoolloopbaan steeds bepalender wordt uit welk gezin je komt. De opleiding van de ouders speelt daarin een hoofdrol. ‘Er waren altijd al verschillen in kansen, maar de verschillen worden de laatste jaren groter. Daar schrok ik van’.

Uitdaging

Keer de toenemende ongelijkheid tussen kinderen met en zonder hoogopgeleide ouders, vindt de onderwijsinspecteur. Dat is de komende tijd de uitdaging. ‘Zodat kinderen met dezelfde talenten ook dezelfde goede kansen krijgen’.
Zoals vaak is er niet één enkele oorzaak aan te wijzen voor de oplopende kansenongelijkheid. Hoogopgeleide ouders zijn bijvoorbeeld meer betrokken bij de schoolloopbaan van hun kinderen. Zij kiezen bewuster en ze kiezen voor betere scholen. Ook leraren en schoolleiders spelen een rol. Zij hebben, vaak onbewust, hogere verwachtingen van leerlingen van hoger opgeleide ouders.
Scholen met grote groepen leerlingen van lager opgeleide ouders hebben vaak een zwakkere kwaliteit, minder bevoegde leraren, een hoger ziekteverzuim en een hoger verloop van personeel, aldus de Staat van het Onderwijs. Beleid en toezicht zijn ook van invloed. Onderwijs, overheden en andere sectoren zullen de handen ineen moeten slaan om toenemende tweedeling te keren.

Meer kansen

Kortom, een belangwekkend Spaarne Debat. Ook omdat het debat illustreert hoe De Maatschappij, mede dankzij haar samenwerking met Petje Af, effectief en adequaat invulling heeft gegeven aan Perspectief voor Nederland, het landelijke en met de departementen gevoerde debat, waarin onderwijs is genoemd als een van de belangrijkste voorwaarden voor de verdere ontwikkeling van het verdienvermogen van ons land.
Als het Spaarne Debat iets duidelijk maakte, was het dit: kansarme kinderen worden niet geboren, maar kansarm gemaakt. Dat vereist een toekomstig onderwijsstelsel dat uitgaat van meer kansen, met meer schoolleiders die volhardend voldoen aan de kern van het onderwijs: mensen beter maken. Wij kunnen het ons niet veroorloven niet volop bij te dragen aan de ontplooiing van de talenten van nieuwe generaties. Zeker niet waar onze samenleving ook elders uiteenlopende ontwikkelingen vertoont.

Nico van Grieken

Lid Raad van Advies De Maatschappij

zondag, juni 12, 2016

Onderwijs startpagina

http://www.onderwijs.startpagina.nl

This is the first day of the rest of your life