zondag, februari 24, 2013

CIO trends

De CIO balanceert tussen twee bijna tegengestelde doelstellingen: aan de ene kant kostenefficiëntie, complexiteitsreductie en stroomlijning in de basis-ict, en tegelijkertijd het realiseren van business-IT -innovatie met nieuwe technologieën en trends.

Het aantal trends is echter zo groot dat het moeilijk is om alles te overzien.

CIO Magazine en Deloitte zetten de belangrijkste op een rij.

In de praktijk zien we dat het aantal trends zo groot is dat je alleen een goede digitale strategie kunt opstellen door ze niet individueel te beschouwen, maar geclusterd naar thema en in samenhang met elkaar. In het onderzoek zijn vier grote thema’s opgenomen. Het eerste is ‘hyper connection’. De rode draad daarin is dat ict loskomt van de desktop en letterlijk overal om ons heen is: in mobiele devices en allerlei andere elektronica. Draadloze netwerken zorgen ervoor dat alles met alles verbonden is, waardoor heel nieuwe vormen van samenwerking ontstaan tussen mensen, organisaties en objecten.

In het najaar van 2012 hebben CIO Magazine en Deloitte een gezamenlijke survey uitgevoerd onder ruim 200 Nederlandse CIO ’s naar de toepassing van tientallen technologietrends. De survey laat zien dat dat vergezicht nog lang niet bereikt is. De top 3 in dit cluster is: bring your own device (68 procent), mobile-devicemanagement (55 procent) en mobile/back-end integration (47). Tussen haakjes staat het percentage organisaties dat heeft aangegeven actief bezig te zijn met deze trend, hetzij in een onderzoek of pilot, hetzij operationeel. In feite is hierin het gevolg van de nummer 1-trend van vorig jaar te zien: smartphones en tablets. Na de introductie daarvan is men nu vooral bezig met het goed inpassen in het ict-landschap.

De survey laat tevens zien dat CIO’s het vernieuwende effect van de twee grootste trends (BYOD en mobile-devicemanagement) op de business vrij laag inschatten. De grootste businessimpact hebben de trends social media engagement (36 procent), the internet of things (6) en social consumer electronics (4).

Ecosysteem
Het tweede thema gaat over het veranderende applicatie-ecosysteem waarin on-premise applicaties, cloudoplossingen en mobiele systemen zich vermengen tot een heel nieuw geheel waarin flexibiliteit en ‘agility’ de rode draad vormen. Integratie tussen on-premise- en cloudapplicaties, maar ook tussen cloudapplicaties onderling, stelt de CIO voor heel nieuwe uitdagingen. Nieuw daarin is dat security en trust de grenzen van de eigen organisatie overstijgen. De survey laat zien dat ook in dit thema bedrijven nog bezig zijn met de basis. Software as a service is nu bij 45 procent van de bedrijven operationeel en nog eens 22 procent is bezig met onderzoek en pilots.

Tegelijkertijd heeft maar 14 procent van de bedrijven hun SaaS-oplossing ook geïntegreerd in de rest van hun applicatielandschap. Bijna driekwart van de operationele SaaS-oplossingen is dus volledig stand-alone. Het percentage bedrijven dat een cloud-cloud-integratie operationeel heeft, is nog kleiner: 4 procent. Opvallend is dat businessprocessmanagement (BPM) nog steeds als trend blijft opduiken met 26 procent operationele toepassing en 18 procent onderzoek/pilot. Het veranderende applicatie-ecosysteem zorgt ervoor dat BPM weer in een andere vorm terugkomt.

Ten slotte zijn in dit thema twee trends met een hoge score voor impact op de business te zien: ‘businessrulemanagement’ en ‘complex event processing’. Het operationele gebruik hiervan is nog laag (respectievelijk 6 en 2 procent), maar de innovatieve waarde om tot grotere flexibiliteit te komen wordt als hoog beoordeeld. Het derde thema bundelt alle trends die te maken hebben met data, met daarin allerlei vormen van analytics. De grootste trend is advanced analytics on enterprise data, die in 17 procent van de bedrijven operationeel is en waar 24 procent van de bedrijven mee experimenteert.

De resultaten van de survey laten ook zien dat de focus van analyticstoepassingen verschuift van het verleden naar het heden (realtime analytics) naar de toekomst (predictive analytics). Daarnaast breiden analytische toepassingen zich uit naar andere vormen van data zoals social analytics (18 procent) en text analytics (6 procent). Opvallend is de hoge score van 30 procent van de bedrijven dat zich bezighoudt met big data. Deze score onderbouwt de indruk dat het begrip big data nog niet zo scherp gedefinieerd is.

Augmented reality
Het vierde en laatste thema dat onderdeel was van het onderzoek omvat alle trends die gerelateerd zijn aan de interactie met gebruikers en user experience. Voorbeelden zijn: location aware services, augmented reality en gamification. Over de hele linie scoren deze trends laag wat betreft adoptiegraad. Dat roept de vraag op of deze trends veel minder toepassingsmogelijkheden hebben dan trends in andere thema’s, of dat bedrijven er gewoon nog niet aan toe zijn. Nieuwe onderzoeken zullen die vraag moeten beantwoorden.

In de survey hebben we CIO’s gevraagd om voor elke trend waarmee ze zich actief bezighouden in te schatten wat de impact daarvan is op de business. De keuze was daarbij tussen verbetering (efficiency, kostenverlaging), vernieuwing (uitbreiding van de bestaande business) en transformatie (nieuwe business). Alle trends die in het onderzoek zijn meegenomen scoren bij Gartner ‘high’ of ‘transformational’ op het kenmerk benefit rating. Een opvallende uitkomst van het onderzoek is dat voor alle trends bij elkaar 57 procent wordt gekenmerkt als verbetering. Slechts 5 procent van de scores valt in de categorie transformational. Blijkbaar is het zelfs met de nieuwste technologie nog moeilijk om die toepassing te vinden die echte innovatie tot stand brengt.

Het onderstreept de belangrijke rol van CIO als trendwatcher en als aanjager van business-ict-innovatie. Het onderzoek geeft ook een goed beeld van het stadium waarin bedrijven verkeren met toepassing van nieuwe technologieën. Van alle initiatieven is 22 procent in het eerste onderzoeksstadium, terwijl 31 procent al een stap verder is en experimenten of pilots uitvoert. De rest is verdeeld over operationele toepassing met verschillende niveaus van realisatie van businesswaarde. 23 procent van de initiatieven heeft minder dan 25 procent van de businesswaarde gerealiseerd, 11 procent minder dan de helft, 7 procent minder dan driekwart en 6 procent heeft vrijwel de volledige businesswaarde gerealiseerd.

Volgende stap
Succesvolle toepassing van nieuwe technologieën vereist dat je ieder stadium doorloopt en elke keer een nieuwe horde neemt om de volgende stap te maken. De rol van de CIO is hierbij heel divers. In het begin is hij de trendwatcher die signaleert waar de meeste kansen liggen en die samen met de business initiatieven neemt. Daarna is hij degene die de prototyping en engineering stuurt, om de nieuwe technologie verantwoord in te passen in de bestaande architectuur. Eenmaal operationeel is de CIO mede verantwoordelijk voor het realiseren van de beoogde businessvoordelen. In het onderzoek is de CIO’s gevraagd wat voor hen de grootste uitdaging is bij toepassing van nieuwe technologieën. Ruim 20 procent antwoordde hierop: security en compliance. Dit antwoord stak met kop en schouders uit boven de volgende drie antwoorden: inpassing in de ‘oude’ architectuur (7 procent), het maken van een keuze uit alle trends en het kiezen van de juiste timing (7 procent) en het vinden van budgetten tegen de achtergrond van de noodzaak van kostenreductie (7 procent).

De eindconclusie is dat organisaties constant balanceren in het verdelen van beschikbare middelen tussen operational effectiveness en innovatie. Binnen dat innovatiedomein zijn veel bedrijven nog bezig met de basis. Er is de komende jaren nog veel te doen op de gebieden mobile, cloud en data. Het vinden van de echt innovatieve toepassingen blijkt moeilijker dan gedacht en een uitdaging waar CIO’s al hun kennis en ervaring op zullen moeten inzetten. Maar dat maakt het vakgebied juist zo boeiend.

De auteur Andries van Dijk is senior manager bij Deloitte

woensdag, januari 30, 2013

Top tien voorspellingen voor de IT-markt in 2013

Tien voorspellingen voor de IT-markt in 2013

30 januari 2013 - De onderzoeksanalisten van IDC Benelux hebben gezamenlijk de belangrijkste toekomstverwachtingen opgesteld, gebaseerd op actuele ontwikkelingen in de lokale en internationale IT-markt. Er wordt ingezoomd op de veranderende rol van de CIO, de impact van cloud op traditionele dienstverlening, de veranderende kenmerken van de telecomindustrie en de volgende fase van sociale marketing en collaboratie.

IDC Benelux verwacht dat de aanhoudende economische onzekerheid in Nederland en België ertoe zal leiden dat organisaties ook dit jaar voorzichtig zullen zijn met de toewijzing van hun IT-uitgaven. Ondanks de negatieve voorspellingen van het Centraal Planbureau, verwacht IDC dat de totale IT-markt in 2013 zal blijven groeien.

‘Derde platform’
Op basis van de huidige datasets en gesprekken met CIO’s en IT- (diensten) leveranciers voorspelt IDC dat de belangrijkste investeringen gedaan zullen worden in technologieën die het ‘derde platform’ ondersteunen. Met het derde platform bedoelt IDC de nieuwste generatie van IT-dienstverlening gebouwd op mobiliteit, cloud, sociale technologieën en big data. “Het eerste platform gebruikte mainframe en terminaltechnologie. Het tweede platform was gebaseerd op internet en client/serverconnecties. We zijn nu aangekomen bij een derde generatie platform waarbij nieuwe technologieën ervoor zorgen dat gebruikers onafhankelijk van device en locatie kunnen werken. Privé en zakelijk gebruik en gedrag zijn meer met elkaar verenigd. Bedrijven zien in dat de data die ze opslaan nuttig zijn voor de bedrijfsvoering en daarnaast in grootte explodeert,” zegt Jeroen Wortel, Country Manager IDC Benelux.

Top tien voorspellingen voor de IT-markt in 2013
Gebaseerd op het onderzoeksrapport van IDC Benelux zijn de volgende top tien trends lokaal relevant voor het aankomende jaar:

1. IT- uitgaven zullen verminderen, maar gestimuleerd worden door de verdergaande ontwikkelingen in mobiliteit

Ondanks de krimp van de Nederlandse en Belgische economie zullen de IT-uitgaven toenemen met 1,5 procent, resulterend in een totale IT-uitgave van 31,6 miljard euro in Nederland. Naast het feit dat de IT-uitgaven groeien, is het interessant om te constateren dat het soort investeringen drastisch aan het veranderen is. De groeiende impact van tablets, smartphones en cloud-oplossingen op huidige producten en diensten is duidelijk zichtbaar en is dan ook de reden waarom de IT-markt in z’n geheel nog groeit.

2. Mobiliteit zal consumenten zelfstandiger maken dan ooit, maar de CIO’s zullen de gebruikers standaarden gaan opleggen

BYOD (breng je eigen toestel mee naar de werkomgeving) is een grote verandering in Nederland en België. Dit komt voornamelijk door de penetratie onder privé gebruikers. IDC verwacht daarom dat in 2013 marketingafdelingen gaan inzien dat sociale media meer is dan alleen zenden. Eindgebruikers krijgen immers steeds meer te zeggen over het IT-beleid. De kosten en complexiteit die dit met zich meebrengt, zal de CFO en CIO ertoe brengen standaarden op te leggen om de verandering enigszins in goede banen te leiden.

3. De telecommarkt wordt steeds verder gedreven door data; over het algemeen zal de omzet niet significant stijgen

De Nederlandse en Belgische telecommarkt zal qua omvang redelijk hetzelfde blijven, maar qua aangeboden en gevraagde diensten sterk veranderen. Het afnemen van bellen en toenemen van dataverkeer zal ook in 2013 doorzetten, evenals de toename van bellen over IP, Ethernet en breedband. Tevens zal de vraag naar video over IP zowel privé als zakelijk flink toenemen. Zo ziet IDC een stijging van ruim zeventien procent in omzet bij leveranciers van bedrijfsapparatuur die nodig is om video over IP te faciliteren.

4. Sociale marketing zal een paradigmaverschuiving bereiken

Nederland is één van de meest volwassen sociale mediamarkten in vergelijking met andere Europese landen. Dit komt echter voornamelijk door privé gebruikers en IDC verwacht dan ook dat in 2013 marketingafdelingen gaan inzien dat sociale media meer is dan alleen zenden. Er zullen concrete acties ondernomen worden. Nieuwe technologieën en processen die voorbij gaan aan de geijkte marketingpaden, zullen ingezet worden om een beter beeld te krijgen van klantgedrag en het bewerken van de markt. Het traditionele adverteren zal voor bepaalde doelgroepen steeds meer gaan afnemen.

5. Sociale bedrijfscollaboratie zal de snelst groeiende softwaremarkt worden in 2013

Recent IDC-onderzoek laat zien dat bedrijven meer collaboratie-instrumenten gaan inzetten om de productiviteit te verhogen en kosten te verminderen. Deze softwaremarkt met producten zoals Salesforce Chatter, Microsoft Lync, IBM Connections en Cisco WebEx Social zal in 2013 toenemen met 34,4 procent.

6. Winkeleigenaren zullen de omnichannel retailstrategieën verder omarmen

De ‘showroom’-trend (kijken/testen in de winkel en vervolgens online kopen) zal ook dit jaar een grote uitdaging zijn voor retailers. Met de groeiende concurrentie in de retail-industrie verwacht IDC dat retail-organisaties in Nederland en België zich bewust zullen gaan wapenen met een compleet arsenaal aan communicatiekanalen. IDC meent dat de traditionele retailers meer gebruik gaan maken van sociale media, digitale wegwijzing en mobiele applicaties in 2013. IDC verwacht dat er voor IT-leveranciers in Nederland en België volop mogelijkheden zijn om retailers naar het volgende niveau in hun marketingcommunicatie te helpen.

7. Private cloud-adoptie zal de groei van de vraag naar publieke cloud-diensten bevorderen

IDC voorspelt dat grote organisaties in 2013 meer public cloud-diensten zullen implementeren en private cloud zullen overslaan. Het toenemende vertrouwen in en de acceptatie van private cloud-oplossingen onder Nederlandse en Belgische organisaties zal de adoptie van public cloud-diensten versnellen.

8. Servervirtualisatie blijft een belangrijk investeringsgebied

Uit recent IDC-onderzoek is gebleken dat organisaties in Nederland nog steeds op zoek zijn naar manieren om hun bestaande infrastructuur omgevingen te verbeteren (top 3 prioriteit). IDC voorspelt dat servervirtualisatie in 2013 doorgaans een snel groeiende softwaremarkt zal blijven, met een groei van 13,4 procent.

9. De dienstverleningsindustrie blijft worstelen: een kwestie van overleven of overnemen

De Nederlandse en Belgische services-markt (consulting, outsourcing en support), gekenmerkt door vele zelfstandigen en een groot aantal aanbieders, zal ook in 2013 geen significante groei tonen. De markt is op zoek naar een structureel antwoord op het ‘derde platform’, ontwikkelingen met andere wensen van gebruikers, alternatieve businessmodellen en een veranderende wijze van het in rekening brengen van kosten. Directies van bedrijven zoals Atos, Capgemini, KPN en Ordina zullen alle zeilen moeten bijzetten om te kunnen overleven door bijvoorbeeld slim te partneren en hun portfolio van diensten te veranderen.

10. CIO’s zullen een kleinere rol spelen in de evaluatie van IT-investeringen

Uit de gesprekken met CIO’s blijkt dat bedrijfsleiders zich steeds meer gaan profileren bij het maken van IT-besluiten. De rol van de CIO is aan het veranderen van IT-diensteninkoop en levering naar het faciliteren van flexibiliteit en het aanboren van nieuwe markten middels nieuwe IT-mogelijkheden. Ook de rol van IT an sich is aan verandering onderhevig en zal zich steeds strategischer moeten bewijzen. IT zal gelinkt moeten zijn aan de algehele bedrijfsstrategie.

Erop of eronder

Over de verwachtingen van het aankomend jaar zegt Wortel het volgende: “2013 zal een jaar zijn waarin het voor een aantal IT-leveranciers en dienstverleners erop of eronder is. Veel IT-leveranciers moeten nog een duidelijk antwoord geven op hoe zij gaan reageren op de nieuwste technologieën en business-modellen. Dat terwijl de economische crisis gedurende 2013 zal aanhouden en de manier waarop ondernemen, in de breedste zin van het woord, aan verandering onderhevig is, dit jaar ter discussie zal blijven staan. Managementteams van IT-bedrijven moeten aan de juiste knoppen draaien om een succesvolle uitvoering van diensten te kunnen waarborgen en om tevens aan de hoge verwachtingen van de klant rondom kostentransparantie, elasticiteit en flexibiliteit te kunnen voldoen."

zondag, augustus 12, 2012

maandag, april 25, 2011

OTIB Technische Installatiebranche

Onderzoekspublicaties

zondag, maart 20, 2011

zondag, juli 25, 2010

ICTtrends 2010

Slideshare sheets

maandag, juli 12, 2010

vacatures voor ICTérs

Uw toekomst in ICT, ons werk

zondag, juli 11, 2010

zaterdag, maart 27, 2010

Keynote speech van Neelie Kroes op ICT Delta

Keynote speech van Neelie Kroes op ICTDelta2010
Neelie Kroes is Eurocommissaris verantwoordelijk voor de portefeuille Digitale agenda

Een digitale agenda voor Europa
ICTDelta 2010
Rotterdam, 18 maart 2010

Dames en Heren,

Allereerst natuurlijk mijn oprechte felicitaties aan de winnaar van de ICTDelta Startersprijs, Meetingspot. Goede ideeën moeten aangemoedigd en beloond worden. Ik wens u alle succes toe met het uitwerken en commercialiseren van uw idee.

Innovatief jong bedrijfsleven is cruciaal voor de concurrentiekracht van de Nederlandse en de Europese economie. Het zijn deze bedrijven die nieuwe ideeën op de markt durven te brengen en grote bedrijven voortdurend uitdagen om zelf met nieuwe producten en diensten te komen. En op die manier creëren zij banen, groei en welvaart.

Vandaar dat ik dit jonge innovatief ICT bedrijfsleven in mijn Digitale Agenda voor Europa zo’n centrale plek geef.

Over die Digitale Agenda wil ik het nu met u hebben. De Digitale Agenda is mijn strategie die ik samen met mijn collega´s op dit moment voorbereid.

De Digitale Agenda moet u zien als mijn werkprogramma, de prioriteiten van de Commissie voor de komende vijf jaar op het terrein van de digitale samenleving.

Wat is de lange termijn visie achter de Digitale Agenda. Het hogere doel van de Digitale Agenda is het bevorderen van economische groei. Europa moet de handrem van de economie afhalen. Economische groei hebben we nodig om onze sociale en klimaatdoelstellingen te realiseren. Dat is de basis boodschap van het EU 2020 die de Commissie twee weken geleden heeft gepresenteerd. En de huidige financieel-economische crisis heeft een groot gat geslagen in de economische groei die sowieso al nodig hadden. Voor Nederland alleen al schatten cconomen en statistici deze op zo’n 5% verlies aan groei.

De Digitale Agenda moet, kan en zal bijdragen aan het aan de praat krijgen van de economie. Want zonder ICT geen groei, geen banen en geen welvaart. Om u een idee te geven van het belang van ICT: de ICT sector draagt 20% bij aan en de investeringen in ICT zijn verantwoordelijk voor wel 30% van de productiviteitsstijging in Europa. Dat potentieel mogen we niet lagen liggen.

En daarnaast kan ICT zo’n belangrijke rol spelen bij het oplossen van de grote maatschappelijke vraagstukken. Zoals de betaalbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidszorg. Deze week was ik in Barcelona op een groot congres over de mogelijkheden van ICT in de gezondheidszorg. Fascinerend gewoon. Hoe kleine apparaatjes met RFID-chips voortdurend bepaalde lichaamsfuncties als bloedwaarden kunnen meten en deze waarden op afstand kunnen worden uitgelezen. Zodat mensen langer thuis kunnen blijven wonen. Of ICT-toepassingen in ziekenhuizen waardoor de logistiek van bedden en de operaties verder geoptimaliseerd kan worden.

Om het toenemende beroep op de gezondheidszorg te kunnen opvangen en de kosten van de gezondheidszorg te kunnen beheersen, zijn dit soort slimme ICT simpelweg onontbeerlijk.

Ook grootschalige opwekking van duurzame elektriciteit kan niet zonder ICT. Slimme elektriciteitsnetten en slimme meters bij de mensen thuis zijn nodig om het voortdurend variërend aanbod aan elektriciteit te kunnen opvangen.

Kortweg gaat het in de digitale agenda om:

1) Ten eerste: Ultra-snel Internet.
Dit is als digitale zuurstof voor mensen en organisaties in de 21e eeuw. Met snelheden van 100 megabits per seconde, stuurt en ontvangt U zelfs grote pakketten content in een fractie van een seconde. De Europese Commissie streeft ernaar dat in 2013 iedereen toegang heeft tot breedband. In 2020 moet iedereen toegang hebben tot highspeed internet van wel 30 Mbps. Tegelijkertijd moeten 50% van de huishoudens zich kunnen aansluiten op het supersnel internet van wel 100 Mbps.

2) Ten tweede: Een Digitale interne Markt
ergert U zich ook aan de beperkingen die U ondervindt bij het online kopen en verkopen van diensten en producten in andere landen. Waarom zouden de grenzen die in de echte wereld stilaan verdwijnen voortbestaan op het internet? U moet dan vooral denken aan verschillen in copyright en consumentenrecht tussen de LS. Maar ook een sterk gefragmenteerde telecommarkt. Die barrières moeten nu dus worden aangepakt.

3) Ten Derde: De Digitale Maatschappij
Nog teveel mensen kunnen of durven niet toe te treden tot de digitale samenleving. Omdat ze de vaardigheden missen of omdat ze het niet vertrouwen. Daar moeten we iets aan doen. We moeten er dus voor zorgen dat mensen zich veilig, vrij en onafhankelijk kunnen bewegen op het Internet. Dat mensen zich er thuis voelen. En natuurlijk moeten we optimaal gebruik maken van ICT om onze sociale en klimaatdoelstellingen te realiseren.

4) Ten vierde: we moeten er voor zorgen dat onze economie meer profiteert van de bestaande en de toekomstige mogelijkheden ICT.
Eerst door meer te investeren in ICT-onderzoek en ontwikkeling. Onderinvestering in R&D is niet alleen een probleem voor de ICT-sector. Dat is een probleem voor de hele Europese economie. Vandaar de centrale plaats die dit thema heeft in de EU2020 strategie. Baanbrekende technologie krijgen we niet vanzelf. Daar is inspanning, creativiteit, doorzettingsvermogen en geld voor nodig. We zullen zorgen voor de nodige prikkels om investeringen te bevorderen in publiek en privaat onderzoek en om ondernemers te steunen in alle fases van de innovatie cyclus. De Europese Unie kan daar een belangrijke rol bij spelen met het bestaande zevende kaderprogramma en het CIP-programma. In beiden programma’s neemt ICT een zeer groot aandeel in. Zo investeert de EU jaarlijks bijna 2 mrd euro in ICT-research. Dat is ongeveer 20% van de totale R&D uitgaven in Nederland – publiek en privaat bij elkaar.

Mijn ambitie voor de komende jaren is om de effectiviteit en de efficiëntie van deze investeringen te vergroten. Meer focus, meer samenwerking, groter aandeel van kleine en middelgrote ondernemingen, minder bureaucratie.

Daarnaast moeten er voor blijven waken dat de apparaten, applicaties en systemen met elkaar kunnen blijven communiceren. De openheid van internet is altijd de kracht geweest. We zullen dus veel aandacht geven aan interoperabiliteit en open platforms en standaarden.

Deze agenda uitvoeren kan ik en wil ik niet alleen. Daarvoor heb ik anderen nodig. Mijn collega’s in de Commissie. De vertegenwoordigers in de Raad en het Europees parlement. Nationale en regionale overheden die over hun eigen schaduw durven heen te stappen en begrijpen dat het Europese belang uiteindelijk ook hun nationaal en regionaal belang is. Maar vooral u heb ik daarvoor nodig. Ondernemers, bedrijfsleven, consumentenorganisaties. Want het zijn geen regeringen die banen, groei en welvaart creëren. Dat doet u. Vandaar de grote aandacht die ik wil geven aan het belang van het Europese bedrijfsleven.

In de eerste plaats wil ik ervoor zorgen dat kleine en middelgrote bedrijven een groter aandeel krijgen uit het R&D-fondsen die voor ICT-onderzoek en ontwikkeling beschikbaar zijn. Zoals ik mijn verhaal al begon, het zijn niet de grote gebruikelijke bedrijven die op dit moment de toon zetten in de digitale economie. Het zijn bedrijven die 20 jaar geleden nog niet bestonden. Hier niet en ook niet in VS. Google, Facebook, Twitter, Amazon waren er twintig jaar geleden nog niet. Sommige zelfs 10 jaar geleden nog niet. Het enige verschil is dat die bedrijven in de VS wel zijn ontstaan en doorgegroeid tot wereldspelers. Dat baart mij zorgen. Vooral omdat het grote geld op dit moment daar verdiend wordt. Zonder dat het hier banen of belastingopbrengsten genereert. En natuurlijk denk ik dan niet aan allerlei klassiek industriebeleid, verkapt en verpakt protectionisme of nodeloze belastingmaatregelen.

Maar ik denk wel aan hoe we die start-ups in Europa kunnen helpen. Wat kunnen we doen om het ondernemingsklimaat voor die bedrijven in Europa te verbeteren. Toegang tot eigen en vreemd vermogen, vermindering van de red tape, betere toegang tot internet van een hogere kwaliteit en met een hogere snelheid. Om een paar punten te noemen. Maar er zijn er meer. En u kunt op mij rekenen om mijn collega’s in de Commissie op deze punten te steunen en als u nog betere ideeën heeft dan staat mijn deur altijd open.

Welke gevolgen zal deze strategie hebben voor Nederland?
Nederland loopt voorop in publieke en private investeringen in breedband. Hierdoor staat Nederland ook in snelheid en toegang tot breedband aan de top in Europa. Voor Nederland is echter niet Europa maar de wereld de benchmark. Net als in de sport moet je altijd met de beste vergelijken. En niet met de middenmoot. Kijk bijvoorbeeld naar Zuid Korea. Hier liggen de snelheden nu al op average speed is 20 MBps en is de dekkingsgraad 95. Vooral de snelheid van de NL-infrastructuur kan verder omhoog net als het aantal mensen dat is aangesloten op dat supersnel internet. Vooral de upload snelheden zijn op dit moment nog te laag om grootschalig breedbandige communicatietoepassingen uit te rollen. Bij voorbeeld in de gezondheidszorg of in het onderwijs. Of voor beeldtelefonie in highdefinition met de familie aan de andere kant van de oceaan. En al die andere toepassingen die we nu nog niet kennen, maar waarvan we over 10 jaar zeggen hoe hebben we ooit zonder gekund.

En dan zijn er natuurlijk nog de netwerkeffecten. Hoe meer mensen zijn aangesloten, hoe hoger het maatschappelijk en economisch nut. Die netwerkeffecten van het internet zijn bekend maar beleidsmatig nog onvoldoende onderkend.

Niet in alle lidstaten is de situatie als in NL. Overal in Europa is de situatie anders. Verschillen in dekkingsgraad, dominantie van bepaalde soorten infrastructuur, gebruik, eigendom van infrastructuren, etc. Maar voor alle landen geldt dat er een uitdaging ligt om in een globaliserende wereld aantrekkelijk en competitief te blijven. We kunnen daar aan toevoegen dat alle landen hun burgers de mogelijkheden willen verschaffen om zich in de digitale wereld te ontplooien en uit te drukken. Stilstaan is geen optie. Voor de EU als geheel geldt dat de kracht van de individuele delen, het geheel versterken. Nederland profiteert ook van de snelheid van het Duitse en Belgische net.

Daarom zal Ik vanuit mijn positie in Brussel de marktontwikkelingen in Breedband nauwlettend blijven volgen en deze stimuleren door benchmarking, prikkels en indien nodig regelgeving.

Laat me over één ding duidelijk zijn: de bouw en het onderhoud van de nieuwe generatie breedbandnetwerken vereist aanzienlijke financiële middelen. In eerste instantie ben ik er groot voorstander van dat de markt deze financiële middelen verschaft. En dat de marktcondities gegeven de toegangsregels zodanig zijn dat de investeerders een redelijke vergoeding voor hun investeringen kunnen krijgen.

Maar ik erken, dat de markt deze middelen niet in alle gevallen zal kunnen en willen opbrengen. Dan acht ik publieke financiering onontbeerlijk. Maar die publieke financiering moet natuurlijk wel binnen de kaders van de Staatssteunregels plaatsvinden. Zoals die vorig jaar zijn vastgesteld.

Een andere pijler van de Digitale Agenda die belangrijk is voor Nederlandse bedrijven en consumenten, is de Digitale Interne Market. Het doel is om grensoverschrijdende dienstverlening, en transacties te vereenvoudigen ten gunste van zelfstandigen en bedrijven – zowel groot als klein.

Internet shoppen is niets nieuws in Nederland, maar toch spenderen we gemiddeld niet meer dan 500 Euro´s per jaar. Het leidt geen twijfel dat dit bedrag hoger zou zijn als we de nog bestaande barrières zouden verwijderen. Gezien de grote online activiteit van Nederland is het in een goede positie om voordeel te trekken uit onze inspanningen om de interne markt ook naar de digitale wereld door te trekken. Vooral in Nederland zien we een enorme vlucht van het aantal internet shops die mensen thuis op de bank of de keuken ontwikkelen.

We zullen de rechten van consumenten in de interne digitale markt verduidelijken, om het vertrouwen in de diensten en de technologie te vergroten; maar ook acties ondernemen om de problemen in het leveren van diensten in ander EU landen te vereenvoudigen; intellectuele eigendomsrechten eenvoudiger te registreren en te handhaven, etc.

Conclusie
De Digitale Agenda voor Europa is een ambitieus programma voor de komende vijf jaar. Maar het is geen statische agenda. Het is een lopende agenda, waarin uw wensen en voorkeuren een plaats moeten en kunnen krijgen. Want start-ups in het algemeen maar die in de ICT-sector wel in bijzonder zijn zeer belangrijk voor het realiseren van onze economische en sociale doelstellingen voor de komende decennia.
Ik dank u wel.

vrijdag, maart 19, 2010

donderdag, maart 11, 2010

ICT office voorspellingen maart 2010

‘Minstens 8600 ICT’ers te weinig in 2015’

Het tekort aan ict-professionals bedraagt in 2015 tussen de 8600 en 16.000 ict’ers.
Dat zegt brancheorganisatie ICT~Office.
Het tekort hangt af van het herstel van de economie.
Bij een langzaam economisch herstel bedraagt het tekort 8600 ict’ers in 2015.
Herstelt de economie snel en krachtig, dan loopt het tekort in 2015 op tot 16.000 ict’ers.
De brancheorganisatie verwacht dat de vraag naar hoog opgeleide ict’ers in 2015 oploopt naar 12.600.
De organisatie houdt de komende jaren rekening met vierduizend nieuwkomers op de arbeidsmarkt.
Dat leidt tot een tekort van 8600 ict’ers in 2015. ‘Dit tekort loopt de jaren daarna verder op door verdere vergrijzing zonder compensatie van een nieuwe generatie’, aldus ICT~Office.
In 2009 waren er in Nederland 268.000 ict’ers. 155.000 daarvan zijn hoog opgeleid.
De verwachting is dat het aantal ict’ers in 2010 licht daalt naar 260.000.
Dit jaar zal de vraag en aanbod van ict-professionals min of meer in evenwicht zijn, zegt de brancheorganisatie.
Het vinden van ict’ers die software, hardware of infrastructuur ontwikkelen, blijft moeilijk.
Ook professionals met werkervaring en de vaardigheid om op strategisch niveau mee te denken, zijn gewild.

De brancheorganisatie baseert deze voorspelling op eigen onderzoek onder zijn achterban,
op cijfers van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO),
het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI)
en informatie van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA).


ICT en arbeidsmarkt

Vijlbrief verwacht fors tekort aan e-skills

Werknemers met e-skills zijn hard nodig in het bedrijfsleven en binnen de overheid. Hoewel vraag en aanbod door de crisis momenteel in evenwicht zijn, zullen bij een aantrekkende economie forse tekorten ontstaan. ‘Ik denk dat we binnen enkele jaren weer te maken hebben met enorme krapte op de ict-arbeidsmarkt.’ Dit zegt Hans Vijlbrief, de nieuwe directeur-generaal Energie & Telecom bij het ministerie van Economische Zaken, tijdens een bijeenkomst van ICT~Office.

‘E-skills zijn ongelooflijk belangrijk voor de Nederlandse economie’, vertelde Vijlbrief een zaal vol vertegenwoordigers van onderwijsinstellingen en ict-bedrijven. Zij gingen naar aanleiding van de eSkills-week in debat over manieren om de tekorten in de ict weg te werken. ‘Ons economisch concurrentievermogen wordt direct beïnvloed door een tekort aan ict’ers en e-skills. Onderzoek wijst uit dat ict een zeer positief effect heeft op innovatie. Ict is daarom van groot belang voor de dienstensector en daarmee de economie.’

Vertaalslag

Vijlbrief benadrukt dat e-skills niet hetzelfde zijn als ict-vaardigheden. ‘e-skills zijn die vaardigheden die nodig bij medewerkers die tussenpersoon zijn tussen de aanbieders van ict en de vragende bedrijven en of overheden. Zij moeten de vertaalslag kunnen maken tussen de behoeften in het bedrijfsleven en de technologie.’
Het is volgens Vijlbrief van belang dat de vraag naar en het aanbod van eSkills ook in economische gunstige tijden op elkaar aansluiten. Ondernemers en afnemers van ict moeten hiervan doordrongen zijn en hiernaar handelen. Voor de overheid is er naar zijn mening voornamelijk een rol weggelegd als tussenpersoon. ‘Als overheid moeten wij zorgen voor bewustwording. Dit is een Europese aangelegenheid.’

Vijlbrief is sinds half februari 2010 directeur-generaal Energie & Telecom bij het ministerie van Economische Zaken.
Hij is de opvolger van Mark Frequin, de nieuwe topambtenaar Wonen, Wijken en Integratie op het ministerie van VROM.

This is the first day of the rest of your life